Casus Janneke Swank: Vitaal oud worden, hoe doe je dat?

Geplaatst door:

‘Je kan beter bij een kleuterschool in de buurt wonen dan bij een verzorgingshuis. Ja, toen we dat huis kochten was er een voetbalveldje en sommige mensen in de buurt klaagden over het lawaai van die jongens, in de zomer, vooral als ze nog laat bezig waren. Mijn man en ik hadden er niet zo’n last van. Mensen zeuren tegenwoordig zo gauw. Ook al over de herrie van kinderen op schoolpleinen in de pauze. Nee, daar zou ik niet mee zitten.’
Waar ze dan wel mee zat? Myrna is in het laatste jaar van de Tweede Wereldoorlog geboren, in de hongerwinter, maar de moedermelk was ruimschoots voorradig. Ze heeft het één en ander meegemaakt in haar leven en daar zit ze niet mee, zegt ze. Ook na de dood van haar man kon ze het allemaal wel weer aan. Maar toen gingen ze dat verzorgingshuis bouwen. ‘En ineens realiseerde ik me dat ik oud wordt. Dat wist ik wel natuurlijk, maar nu zie ik pas goed wat dat betekent. De ene na de andere rollator strompelt hier voorbij en een kwijlende bejaarde in een rolstoel maakt me ook niet blij. Het is net een film met een slechte afloop die in mijn hoofd draait en echt ik voel me steeds somberder worden. Mijn dochter raadde me aan om hier wat aan te doen, dus vandaar…’
Ik vatte het hele verhaal kort samen, vroeg of het klopte wat ik teruggaf en toen of ze zo verder wilde. ‘nee, echt niet, natuurlijk niet, maar ja, als dat mijn toekomst is, dan…’ en ze moest even haar neus snuiten.

Zoals Jaap Hollander beschrijft in ‘Vitaal oud worden’ lijkt het onontkoombaar dat de ‘ouderdom met gebreken komt’, dat we allerlei ziekten krijgen of op zijn minst kwalen en zo langzamerhand aftakelen tot de dood er op volgt. Ik dacht aan mijn grootouders die tot op hoge leeftijd vitaal bleven. Wel hadden ze lichamelijke problemen maar ik heb ze nooit kwijlend in een rolstoel gezien. Maar wat als je daarvan overtuigd bent? Hebben we dan niet te maken met een self-fulfilling prophecy? Niet dat het andersom zo is dat als je maar gelooft dat je vitaal blijft dat dat dan ook gegarandeerd is. We moeten mensen die de pech hebben om ziek te worden nooit verwijten dat ze ‘verkeerd denken’. Maar juist omdat we niet in de toekomst kunnen kijken hebben we een keuze: zien we de toekomst somber in of vol vertrouwen? Er hangt een kaart in mijn praktijk met een prachtig vergezicht en de tekst: “de angst voor een toekomst die we vrezen kunnen we alleen veranderen door ons een toekomst voor te stellen die we wensen.”

Ik legde het Myrna voor en vroeg haar of ze alleen maar mensen kent die oud en ziek of gebrekkig zijn. Nee, dat was niet het geval. Wat ze dan toch dacht was: ‘als ik ouder word krijg ik te maken met aftakeling.’ En ik vroeg voor hoeveel procent ze dit geloofde. ‘Nou ja,’ zei ze, ‘nu we er zo overgepraat hebben begin ik toch te twijfelen.’ ‘Hoe voel je je als je deze gedachte hebt?’ vroeg ik. ‘Ja, somber, depressief, niet goed.’
‘En zo wil je je niet meer voelen?’  ‘Nee,’ was haar besliste antwoord, ‘nee, en het past gewoon niet bij me.’
Hoe ze het wel wilde? ‘Een opgewekt gevoel met vertrouwen in de toekomst.’ Ik gaf haar nog een paar voorbeelden van mensen die ik ken en die ‘vitaal oud’ zijn. En dat Jaap Hollander al een tijd geleden een onderzoekje heeft gedaan en een aantal overeenkomsten ontdekte bij mensen die oud en vitaal waren. Niet dat dit 100% garantie geeft voor de toekomst maar wel 100% garantie om je goed te voelen over de toekomst. Ze snapte het want toen ik haar nog eens vroeg wat ze graag wilde bereiken zei ze niet: ‘vitaal oud worden,’ maar ‘positief denken over de toekomst vooral als er weer een rollator voorbij komt.’ We moesten even lachen.
En hoe ze zou weten dat ze dan positief kon denken? ‘Dan heb ik een goed beeld van mezelf, lekker actief bezig.’ Ik liet haar naar dat beeld kijken en daarna associëren zodat ze kon zeggen dat ze zich dan energiek zou voelen met levenslust en dat ze dan kon denken: ‘het komt wel goed.’
Wat een mooie woorden.
‘Maar ja,’ zei ze, ‘ik kan natuurlijk ook iets krijgen en dan weet ik nog zo net niet of ik dit allemaal kan.’ ‘Klopt’, zei ik, ‘we weten het niet en juist daarom hebben we een keuze tussen nare gedachten of stimulerende gedachten over de toekomst.’ En ik vertelde haar over het onderzoek naar depressiviteit bij dwarslaesiepatiënten ( Dijkens 1991) zoals Jaap Hollander beschrijft in zijn stuk ‘vitaal oud worden’, dat zij juist minder depressief zijn dan mensen die een ziekenhuis bezoeken. ‘Ja,’ zei ze, ‘dat kan, ik ken iemand met m.s. en zij voelt zich goed, zegt ze altijd en volgens haar man is dat waar.’
Dus?  ‘Zo wil ik het ook, me goed voelen over de toekomst, ja, dat kan natuurlijk wel, er zijn mensen die erg oud zijn en zich vitaal voelen.
‘En wat de één kan, kan de ander leren, nietwaar?’ Of we in dit geval ook garanties kunnen geven, nee, want er zijn meer factoren die een rol spelen bij gezondheid en vitaliteit. Gezonde voeding, niet roken (maar mijn opa is 92 geworden en rookte stevig zijn sigaren, ja, er zijn altijd uitzonderingen), de genen (ook al geen garantie dat je die erft of dat ze een rol gaan spelen), beweging (dit houdt de hersenen gezonder dan het oplossen van puzzels of spelletjes doen) en geen overgewicht.

Maar de overeenkomsten die Jaap Hollander ontdekte waren:
– integratie (van de goede dingen uit het verleden en van de mensen die wat voor je hebben betekent),
– positief denken,
– eigen wijsheid,
– goede relaties
– en doelen stellen (werken aan de toekomst).
Toen ik uitgelegd had, dat we die kwaliteiten kunnen ‘installeren’, was ze er klaar voor.
‘Ga er maar lekker voor zitten, zodat je lichaam kan ontspannen en je adem vanzelf rustig wordt.’ Ze deed haar ogen dicht en ik liet haar met een zachte stem associëren in ‘hulpbronsituaties’ van de vijf elementen.
‘Ga eens terug naar een moment, een situatie in je leven waarbij je positief kon denken en als je daar bent, kijk dan naar wat je ziet, luister naar wat er te horen is en als je je daar dan helemaal bewust van bent en daardoor vanzelf beseft dat je positief denkt, ga dan eens na welk woord er bij hoort en welk symbool er bij je opkomt, dat hierbij past. En nu doe je net alsof je een whiteboard voor je ziet en je dat woord in de kleur van je keuze op het whiteboard schrijft met daarbij het symbool.’
En zo deden we dat met alle vijf elementen.  Niets nieuws, het is gewoon associëren en de ervaring ankeren.

Ik ging verder. ‘En terwijl je ontspannen blijft zitten kijken naar dat whiteboard kun je je voorstellen wat er gebeurt als het bord gaat draaien, wentelen om zijn eigen as en als dit steeds sneller gaat, hoe je dan alle kleuren door elkaar gaat zien en de vijf symbolen niet meer kunt onderscheiden en de woorden alleen maar vage strepen zijn en hoe hierdoor uiteindelijk één woord en één symbool ontstaat. Een woord in precies de goede kleur en een symbool dat staat voor de vijf samen. En zodra je weet welk woord het is en welk symbool je ziet, kun je het me vertellen.’ ‘Ik zie dat er ‘goed’ staat in mooie letters, goudkleurig en ik zie een fakkel.’ Er biggelde een traan uit één oog. Ze snoof even en slaakte een diepe zucht. ‘Blijf maar kijken en genieten en je kunt dankbaar zijn dat dit zomaar uit jouw binnenste ontstaat, zodat je nog dieper kunt ontspannen en vol vertrouwen naar de toekomst kunt kijken want dan zie je de oude, misschien wel 85-jarige vitale Myrna. En zodra ze dichterbij komt kun je haar de fakkel geven en als ze nog dichterbij komt kun je haar het woord ‘goed’ in haar oor fluisteren en kijken hoe ze dat ontvangt. En nu wil ik je vragen om even de rollen om te draaien en de 85-jarige Myrna te worden en door haar ogen te kijken, zodat je dan de 68-jarige ziet zitten. En die jongere Myrna heeft een fakkel in haar handen en kijkt naar jou en je voelt dat je naar haar toe wilt omdat ze die fakkel aan jou wil geven, je wilt even dichtbij haar zijn, want ze fluistert ook nog wat in je oor, luister maar. Goed. En omdat je de waarde van dit gouden geschenk diep van binnen voelt en beseft dat het diepgoed is, bedank je haar en ga je weer op de goede afstand staan, op die plek in de toekomst die bij je past, voordat je weer ruilt en in je eigen vel kruipt en kunt kijken in de verte, in je verre toekomst naar de vitale Myrna, met haar fakkel.’
De tranen waren nu een stroompje uit twee ogen en ze bleef zitten met een glimlach en knikte langzaam. ‘Als je beseft dat dit de gedachte is die je wilt, en weet hoe je dit gaat toepassen, kun je vol vertrouwen je ogen open doen en de tijd nemen om weer helemaal in het hier en nu te komen.’ ’Bijzonder,’ zei ze en ze zuchtte weer. Het leek net alsof ze er jonger uitzag, of was ik ook nog in trance?

Janneke Swank
swank@wxs.nl

0

Over de auteur:

Posting is geen auteur. Dit is iemand van het IEP secretariaat die een artikel in de bibliotheek heeft geplaatst. De auteur is degene die bij het artikel staat aangegegeven. Wilt u ook een artikel in de IEP bibliotheek plaatsen? Stuur dan een mailtje naar mail@iepdoc.nl.
  Artikelen die hiermee samenhangen

Voeg een Commentaar