Kinderen hebben liefde nodig, juist als ze het niet verdienen.

Geplaatst door:

Dit Hulpbronverhaal is gemaakt voor een zesjarig jongetje dat in zijn jonge leven ernstig is verwaarloosd en mishandeld. Stelen (vooral van etenswaar) en liegen zijn bijna een tweede natuur geworden. “Ik heb weer eens zitten liegen”, zegt hij met een gefrustreerd rood koppie waar de onzekerheid van af druipt, nadat zijn ‘nieuwe moeder’ mij heeft verteld dat hij net weer een behoorlijke uitbrander heeft gekregen. “Wil je me erover vertellen”, vraag ik. “Liever niet”, zegt hij terwijl hij zijn nieuwste favoriete speelgoed pakt.
In het pleeggezin waar hij nu woont maakt hij het zijn opvoeders erg moeilijk. Liegen en stelen, het past absoluut niet in hun (gezins)cultuur, maar hij doet het aan de lopende band. Ze kunnen de positieve intentie van zijn gedrag wel zien en de achterliggende oorzaak ervan snappen, maar ze vinden het moeilijk evenwicht te vinden tussen streng corrigeren en liefdevol begrijpen. Ze worden daarin gecoacht door een pleegzorgbegeleider.
Daar waar ik geloof dat kinderen vooral liefde nodig hebben, juist als ze die niet verdienen, zijn zij vooralsnog overtuigd van het tegendeel. Dit verhaal is hopelijk ook voor hen een steuntje in de rug en wie weet helpt het mee om te rammelen aan hun overtuigingen.
Het jongetje komt al een hele poos elke week bij mij. Sinds kort voelt hij zich in zijn nieuwe thuis en in de spelkamer genoeg op zijn gemak om zich ook daadwerkelijk over te geven aan spelen. De laatste tijd speelt hij veel met het politiebureau. In zijn spelverhalen over stelen, betrapt worden en liegen is te zien hoe hij grip probeert te krijgen op wat wel en niet geoorloofd is. Dat spel  is voor hem een mooie manier om veilig te experimenteren en meespelend kan ik hem helpen lastige overtuigingen te reframen en soms zelfs een beetje ‘opvoeden’.
Aan het eind van bijna elke sessie vertel ik hem een verhaaltje. Onlangs vond hij tussen de speelgoeddieren een plastic vleermuis die hij meteen koesterde en liefdevol toesprak. Vandaar dus……

Flip Vleermuis, de liegbeestjes en Jokkebrok
© Reinalda Kerseboom augustus 2013 – info@despeltherapeut.nl
Illustratie: Annelot Kamminga (aangepast uit: De magie van metaforen. 2011)
Met bronvermelding is verder doorvertellen van harte toegestaan.

flipvleermuis

 

 

 

 

 

 

 

Ergens hier ver vandaan woont een jonge vleermuis.
Zijn naam is Flip.  Flip Vleermuis.
Overdag hangt Flip op zijn kop in een boom.
Hij houdt zich vast aan zijn duimen, zoals alle vleermuizen dat kunnen.
Zo slaapt hij gezellig bij de andere vleermuizen van zijn boom.
Vleermuizen worden pas wakker als de maan en de sterren aan de hemel verschijnen.
Dan gaan ze fladderend op zoek naar eten.
Flip is vaak de eerste die de boom verlaat, want hij is dol op lekkere hapjes.
Hij weet ook heel goed waar die te vinden zijn.
Hij heeft er altijd wel oren naar en een speurneus voor!

Vroeger woonde Flip in de oude holle wilg bij de rivier.
Daar was het soms echt moeilijk om aan eten te komen.
Flip had al heel jong moeten leren om zelf te jagen.
Hij stikte regelmatig van de honger.
Toen was het al heel wat als hij een hapje kon vinden en een lékker hapje, nou dat was echt een feest.

In de nieuwe boom waar Flip nu woont is alles anders.
Hij woont er bij vleermuizen van een heel andere soort met andere regels en andere gewoonten.
Er is hier meer dan genoeg te eten. En zelfs een overvloed aan lekkere hapjes.
Flip snoept en smikkelt dat het een lieve lust is.
Hij lijkt nooit genoeg te kunnen krijgen.
Soms snoept hij zelfs van de hapjes die de andere vleermuizen zuinig bewaren voor later.
Natuurlijk wordt vroeg of laat ontdekt dat Flip met zijn vlerken aan andervleers hapjes heeft gezeten…  en dan…
Dan zijn de andere vleermuizen boos en verdrietig.
Daar wordt Flip zo bang van als een vleermuis maar zijn kan.
Hij heeft  hier immers al wel geleerd:
hapjes pikken is heel verkeerd.
Maar hij lijkt telkens te vergeten,
dat hier steeds genoeg is om te eten.

De andere vleermuizen hadden daar schoon genoeg van.
“Je bent uit de wilg bij ons gekomen. Hier gelden onze regels”, mopperden ze.
“Blijf met je vlerken van andervleers hapjes! Leer toch eindelijk eens je te gedragen.”
Dat gemopper vond Flip heel naar!
Hij wilde niemand boos of verdrietig maken.
Dus deed hij vaak net alsof hij niets gedaan had.
En gek genoeg verzon hij soms dingen die hij zogenaamd gedaan had.
Zo hoopte hij dat alle narigheid vanzelf verdween.
“Ik heb niks gedaan..”, zei hij dan. “Echt niet.”
Of “Ik heb het wel gedaan, heus wel…”
Maar dan vonden ze hem een leugenaar.
En liegen vonden ze nog erger dan hapjes stelen…

Flip wilde er heel graag bij horen. Dus hij deed zijn best:
Hij probeerde van hapjes van andere vleermuizen af te blijven
Hij probeerde altijd de waarheid te spreken.
Soms lukte hem dat gewoon.
Maar juist als het echt belangrijk was ging het wel eens mis.
Dan was iedereen weer boos en verdrietig.
En Flip wist zich geen raad.

Op een dag was het weer helemaal verkeerd gegaan.
“Het moet nu echt veranderen”, zeiden de andere vleermuizen.
Flip voelde hoe serieus ze het meenden.
Hij zou ook zo graag anders willen. Maar hij wist niet hoe.
Moedeloos maakte hij zich op klaarlichte dag los van zijn tak en begon zomaar in het wilde weg te fladderen.
De zon scheen dwars door zijn vleugels heen.
“Het lukt me niet, het lukt me nooit. Ik ben een niksnut van een vleermuis”. Zo klonk het in zijn hoofd.

Flip bleef maar fladderen, ver weg van alles en iedereen.
Toen hij moe werd zocht hij een goede landingsplek, maar er was geen boom in de wijde omtrek te bekennen.
Hij kón niet meer en dus landde hij op een hele grote steen.
Flip zat moe en verdrietig bovenop de steen.
Hij voelde zich slecht en eenzaam.

“Daar ben  je”, hoorde hij ineens.
Geschrokken keek hij om zich heen,
maar er was geen levend wezen te bekennen.
“Hier ben ik, beneden”, hoorde hij.
Het leek wel  van de steen te komen…….
“Jij bent Flip Vleermuis”, hoorde Flip de steen zeggen.
“En ik, ik ben Jokkebrok. Ik wacht al een poosje op jouw komst.
“Je hebt zorgen en problemen”, zei Jokkebrok. “Als je wilt zal ik je helpen.”
Flip fladderde naar beneden, hij knikte met zijn kop en stamelde zachtjes: “Hoe kent u mij en wat weet u van mijn zorgen”.
“Vanaf deze plek kan ik het land overzien”, zei Jokkebrok. “Ik weet dat je geboren bent in de holle wilg bij de rivier.
Ik heb gezien hoe ingewikkeld het daar voor je was en hoe moeilijk je er eten kon vinden.  En dan zijn er nog de liegbeestjes.”
Flip Vleermuis luisterde met open mond. Hij wist niets te zeggen.
“Liegbeestjes,” ging Jokkebrok verder, “heeft elke vleermuis in zijn pels, waar hij ook wordt geboren.  Ze verdwijnen niet vanzelf en meestal ook niet helemaal.
Ze zorgen je hele leven voor je halve waarheden en je leugentjes om bestwil. In lastige omstandigheden worden het er meer. Veel meer. Als het moeilijk is, helpen ze je overleven.
Jij hebt ze hard nodig gehad. Maar nu heb er jammer genoeg nog veel te veel.”

Flip kon het niet precies met woorden uitleggen, maar diep van binnen voelde hij dat hij Jokkebrok begreep.  “Jokkebrok, halve waarheid, leugentje om bestwil…”, fluisterde hij.
“Liefde laat ze grotendeels verdwijnen”, ging Jokkebrok verder. “Al is een liegbeest nog zo snel, de liefde die verjaagt hem wel.”
Vanaf zijn nieuwe plekje onderaan de steen wist Flip nog niet meteen wat hij met die woorden aan moest. Hij trok zijn schouders op, schikte zijn vleugels opnieuw tegen zijn lijf en hij schudde half begrijpend en nog steeds wat moedeloos met zijn kop.

“Het komt wel goed Flip,” zei Jokkebrok. “Je bent nog jong en je mag nog heel veel leren.
Ik weet hoe jij je best doet. Ik heb gezien dat er in je nieuwe boom genoeg is. Genoeg aan voedsel en genoeg aan liefde voor iedereen.
Elke keer dat iemand zacht over je vel strijkt of je vriendelijk aankijkt verdwijnen er lastige liegbeestje. En ook elke keer dat jij de waarheid spreekt. Met de tijd zullen steeds minder liegbeestje zich in jouw pels verstoppen.”

Flip vond dat nog moeilijk om te geloven en toch …zou gauw genoeg blijken dat Jokkebrok de waarheid sprak.

 

0

Over de auteur:

Reinalda Kerseboom is al meer dan 30 jaar speltherapeut. Ze volgde haar NLP-opleidingen en de opleiding tot provocatief coach bij het IEP. Ze is gespecialiseerd in het werken met metaforen. Ze is auteur van een aantal boeken met en over hulpbronverhalen. Ze heeft een praktijk in Renkum, waar ze kinderen, jongeren en ouders ziet. Ze verzorgt workshops en trainingen.
  Artikelen die hiermee samenhangen

Voeg een Commentaar