Column Guus Hustinx: The tragedy of the commons

Geplaatst door:

hoe puur eigen belang zich tegen zichzelf kan keren

 

Wat hebben files, de melkcrisis, een structureel overbelaste afdeling, de explosie van koffiebars en Airbnb, de aandelenmarkten, andere hypes en zeepbellen met elkaar gemeen?

De tragedie van de meent,
zoals de wat archaïsche vertaling luidt, is gestoeld op een verhaal dat in het Engeland van de vroeg 19de eeuw speelt. De bevolking had in de dorpen op het platteland de beschikking over een gemeenschappelijke weide, de meent, waar ze hun koeien konden laten grazen. Het systeem functioneerde goed zolang de bewoners op zorgvuldige wijze samen de weide beheerden. Totdat een boer bedacht dat hij in plaats van 2 koeien er ook wel 10 kon laten grazen. Dat was mooi voor die boer want hij ontving persoonlijk de meeropbrengst van de extra melkproductie, terwijl de extra kosten, in de vorm van meer grasconsumptie, door alle boeren gedragen werden. Kortom een niet geheel eerlijke situatie. Dat hadden de andere boeren snel door en ieder dacht: wat hij kan, kan ik ook. Dus, allemaal vervijfvoudigden ze hun aantal koeien. Die enorme toename kon de meent niet dragen. Er ontstond al snel overbegrazing, verval van de meent en uiteindelijk een sterke afname van de melkproductie totdat die bij gebrek aan voedsel voor de beesten geheel stopte. In systeemdiagram ziet dit patroon er als volgt uit:guus-1

Naar business vertaald: producent A wil zijn winst vergroten en gaat investeren om te groeien. Producent B doet hetzelfde. Als vervolgens meerdere producenten volgen stijgt de gezamenlijke capaciteit snel. Uitgaande van een systeem dat niet oneindig door kan groeien wordt op enig moment de maximale capaciteit bereikt. Gaan de producenten ook dan nog door dan raakt het systeem overbelast. Als die overbelasting voortduurt stort het in. Daarbij is iedereen de dupe, want niemand heeft nog iets over.
Een andere weergave zie je in het diagram hieronder.
guus-2

Er zijn twee theorieën waarin dit patroon beschreven is. In de systeemtheorie vormt dit patroon een van de archetypes en laat zien hoe complexe systemen nooit alleen vanuit het eigen belang van een van de producenten (lees: alleen de eerste waarnemingspositie) begrepen, laat staan beheerst kunnen worden. In de speltheorie wordt dit patroon beschouwd als een collectief ‘prisoners-dilemma’. De betrokkenen kunnen in dit prisoners-dilemma niet anders dan meedoen en het instorten van het systeem is derhalve onvermijdelijk. Ik kom op beide visies nog terug.

De praktijk
We kunnen dit patroon in verschillende verschijningsvormen op allerlei gebieden terug zien. Enkele voorbeelden:

Files
Een wegversmalling. Je kent dat wel, heb je zelf keurig op tijd ingevoegd, raast er zo’n aso langs de hele file en wringt zich er op het laatste moment tussen. Er volgen meer aso’s, dus de file verergert snel. (ik heb ook een theorie over automerken die vooral bij deze voorkruiperij betrokken zijn, maar dat terzijde). Deze lieden zijn ondertussen hooguit 50 auto’s opgeschoten, dus wat helpt het hen (het zijn altijd hij’s, toch?) werkelijk?  Jij betaalt de prijs voor dat asociale gedrag met een langere wachttijd. Nog eentje: de capaciteit van de snelweg is beperkt. Als die capaciteit zijn grens nadert, dan gaat de snelheid van haar gebruikers rap omlaag en dat is handig omdat zo de capaciteit op peil blijft. Bij lagere snelheid kunnen auto’s immers dichter op elkaar rijden en passen er meer auto’s op de snelweg. Bij hogere snelheid loopt de benodigde afstand tussen auto’s juist -exponentieel- op en passen er veel minder auto’s op. Dus zijn er matrixborden bedacht die aangeven wat de optimale snelheid is voor het aantal auto’s. jij past je uiteraard, doe ik ook altijd netjes, tijdig aan en matigt je snelheid. Anderen trekken zich er niets van aan en rijden op volle snelheid door totdat ze de staart van de file in zicht hebben en vol op de remmen gaan. Dat veroorzaakt achter hen een soort van hekgolf  van automobilisten die noodgedwongen ook allemaal het rempedaal intrappen. De file verplaatst zich in rap tempo achterwaarts en groeit snel, tot het hele systeem instort en iedereen stil staat. Ook hier betaal jij de prijs voor het gedrag van anderen. Uiteindelijk schiet niemand er echt wat mee op.  Het probleem wordt alleen verergerd. Er zijn teveel koeien op de meent zodat er geen zijn kont nog kan keren. Degene die het hardst rondspringt krijgt de meeste ruimte. Hoe was dat ook weer met die koeien die elkaar in de kont kijken?

De melkcrisis
Het is 2015 als,  na jarenlange intensieve lobby van de sector in Brussel, de melkquota worden afgeschaft. De sector juicht, eindelijk ruimte voor echt ondernemerschap, eindelijk door schaalvergroting een behoorlijke boterham verdienen. Per direct wordt de veestapel sterk uitgebreid. Maar de concurrenten in het buitenland doen hetzelfde. Er wordt al snel zoveel melk geproduceerd dat de melkprijs keldert. De sector reageert door de veestapel nog verder uit te breiden: dan maar meer melk voor minder geld, dat genereert per saldo toch nog een redelijk inkomen. Je snapt het al, dat loopt mis. Naast de almaar dalende melkprijs is er een andere grens in zicht: er ontstaat een mestoverschot en daar zijn strenge regels voor, mag niet! Het verhaal is nog complexer met een aparte derogatieregeling en wordt nu ook nog opgetuigd met een handel in fosfaatrechten. Het gaat er hoe dan ook toe leiden dat de veestapel fors moet worden ingekrompen. Het is nu eind 2016, dus in amper twee jaar tijd is het de sector gelukt het systeem volledig te laten escaleren. En, heel interessant na die lobby, de sector roept nu ineens: ‘had de overheid maar eerder regels moeten stellen’ en houdt met succes de hand op voor schadevergoeding. Er is een groep boeren die hier extra de dupe van wordt. Dat is de groep die niet heeft meegedaan aan de schaalvergroting, maar die heeft geïnvesteerd in betere stallen, betere kwaliteit, betere leefomstandigheden voor de koeien. Die zien met de scherpe daling van de melkprijzen hun investering verdampen en moeten dadelijk ook nog mee inkrimpen met de rest. Niet eerlijk toch? Dit actuele thema is de klassieke tragedie van de meent in volle glorie, we hoeven het verhaal alleen maar op te schalen van de lokale meent naar Nederland melkland.

De afdeling engineering
Een technisch bedrijf voert complexe projecten uit. De afdeling engineering bereidt die projecten technisch voor op aangeven van de accountmanagers. Daarna worden de projecten aan uitvoering overgedragen. Tijdens de uitvoering van de projecten doen zich eigenlijk altijd wel onverwachte zaken of problemen voor waar de engineers weer bij gehaald moeten worden. Als die niet direct tijd hebben loopt het project vertraging op. Dat kost geld en daar worden de projectleiders dan weer op aangesproken. Een van de projectleiders heeft het gouden idee om dat bij zijn projecten te voorkomen. Hij legt al zoveel mogelijk vooraf capaciteit van de betrokken engineer vast. Dat trucje hebben de anderen snel door en die kunnen natuurlijk niet achter blijven. Het gevolg: er wordt zoveel engineering capaciteit voor de uitvoering vastgelegd dat er te weinig overblijft voor de voorbereiding. Dat wordt opgelost door uitzendkrachten aan te nemen. Die zijn echter onvoldoende ingewerkt in de specifieke techniek en leveren, zacht gezegd, niet de gebruikelijke kwaliteit en zo nemen de problemen in de uitvoering snel toe waardoor het beroep op de engineers verder toeneemt, enzovoorts, enzovoorts. Binnen no time is de afdeling engineering, de uitzendkrachten incluis, overbelast. Als de twee beste engineers zich vervolgens ziek melden is het debacle compleet. De meent wordt niet goed gezamenlijk beheerd en raakt overbelast en vervolgens uitgeput. Nu worden engineers niet graag met koeien vergeleken, maar bij wijze van dan.

En nog veel meer
Zo kunnen we nog wel even verder gaan. Nog een paar aansprekende voorbeelden? (Als je het nu wel gelooft kun je ook doorgaan naar de volgende paragraaf)
Airbnb Amsterdam is een doorslaand succes. Het bestand is geëxplodeerd de laatste twee jaar. Dat goedkope thuishotelbestand trekt echter ook vooral de toerist aan met de kleine beurs die, althans volgens de gemeente, daar vooral op afkomt om goedkoop zwaar te gaan feesten. En dus is de overlast van dronken, schreeuwende, kotsende en urinerende toeristen snel gegroeid. Een soort van ‘mestoverschot’ dat  onaanvaardbare vormen aanneemt. Dat zien de airbnb-ers niet als hun probleem en dus grijpt de gemeente nu in om het aantal airbnb-ers terug te dringen. Daar hadden ze niet op gerekend.
De koffiebars waar de medewerkers barista’s heten in plaats van barjongen of -meisje schieten in Amsterdam als paddenstoelen uit de grond. Uitgaande van een min of meer gelijkblijvend aantal toeristen en Amsterdammers betekent dit dat de gemiddelde koffiebar steeds minder omzet zal krijgen totdat iedereen zo weinig klanten overhoudt dat de bestaansgrond verdwenen is en de een na de ander omvalt. Einde van het barista tijdperk en terug naar de ouderwetse lunchroom?
Dat brengt me op andere hypes, zoals die in ons eigen vak. Sinds een paar jaar is ‘passie’ het toverwoord, terecht gemunt door Robert Dilts. Er worden inmiddels allerlei trainingsprogramma’s aangeboden, er wordt gepubliceerd, symposia georganiseerd. Het wereldje is er bovenop gesprongen. Totdat het begrip passie erodeert, want dan verdwijnt het, jammer genoeg, weer van het toneel om plaats te maken voor de volgende hype. Ik zag deze week een reclame van een Koreaans(!) automerk waar passie als dè verkoopboodschap werd opgevoerd en toen wist ik: ‘einde verhaal voor passie’. Zo zijn hypes een vorm van het snel volledig leeg vreten van de weide totdat er geen spriet meer over is en het gras de koeien de neus uitkomt. Voorlopig kan ik even geen gras meer zien, denkt de klant, ook al is die geen koe.
Als laatste de aandelenmarkten. De rentes zijn zo historisch laag dat kapitaalkrachtigen en fondsen massaal de aandelenmarkt opgaan, extra gestimuleerd door de 1000 miljard euro die de ECB de economie heeft ingepompt, in de verwachting daar nog een redelijk rendement te realiseren. Dat drijft de prijs van aandelen sterk op. De prijs wordt daardoor niet meer bepaald door de waarde van een onderneming, maar door de (over)vraag naar aandelen. Zo worden aandelen losgezongen van de werkelijke waarde en ontstaat er een zeepbel. Als die zeepbel groot genoeg wordt, knapt hij een keer en dan verdampen er miljarden volgens allerlei deskundigen. Er worden veel te veel koeien de meent opgejaagd. Die barst uit zijn voegen, alles wordt vertrapt en de kudde breekt door de hekken en rent door de straten van het dorp, een spoor van vernieling in haar kielzog. Weg kudde! En dan maar hopen dat daar mijn groene beleggingsfonds en mijn beleggingshypotheek niet bij zitten.

Het patroon dat we in al deze voorbeelden zien is dat mensen vanuit hun eigen belang, hebzucht als je wil, steeds weer situaties creëren die ertoe leiden dat ze alles kwijtraken en daar vaak anderen die niet of maar zijdelings betrokken zijn in mee trekken. Waarom doen mensen dat dan toch? Hoe komt het dat ze die patronen niet doorzien?

De paradox van de speltheorie
De speltheorie zegt: ‘zo zijn mensen nu eenmaal, het is een klassiek collectief prisoners-dilemma, ze kunnen gewoonweg niet anders’. Het feit dat er mensen zijn die deze theorie hebben kunnen ontwerpen en daarmee deze patronen kunnen blootleggen weerlegt -gelukkig- hun eigen theorie. Niet alle mensen zijn kennelijk zo, dus er is nog hoop. Taleb (Antifragiliteit, dingen die baat hebben bij wanorde, 2013) stelt dat het prisoners-dilemma alleen geldt in Mediocristan, het land van de statistische gemiddelden. In dat land worden de afwijkingen van het gemiddelde spectrum namelijk ontkend, die zijn verwaarloosbaar vindt men. Iedereen wordt geacht zich naar het gemiddelde te gedragen. In Extremistan hebben ze niet zoveel met gemiddelden, die vinden ze daar tamelijk nutteloos. Daar worden juist de extremen, de afwijkingen, gekoesterd en opgezocht. Vanuit de overtuiging dat daar creativiteit, verrassende inzichten en innovatieve en gedurfde oplossingen te vinden zijn, in tegenstelling tot het grijze midden. De speltheorie creëert namelijk een merkwaardige paradox. Het gedrag van de gemiddelde mens is volgens haar modellen te verklaren en te voorspellen. Dus moet je het systeem zodanig inrichten dat je ander gedrag programmeert. Kennelijk is de kleinere groep van de extremen nodig om de grotere groep van het gemiddelde de goede richting op te sturen. Klinkt al tamelijk snel naar zoiets als de verlichte elite die het domme volk moet……enzovoorts, enzovoorts. De speltheorie is teveel Mediocristan naar mijn smaak en, los van hun mogelijk gemiddelde gelijk, zullen we daar de oplossing dus niet vinden voor onze tragedie. Behalve dan die van een sterke, verlichte overheid die het patroon wèl begrijpt en zodanig reguleert dat de negatieve effecten voor de massa niet meer optreden. Geen erg populaire oplossingsrichting in dit neoliberale tijdperk.

Systeemtheorie
Dan de systeemtheorie, wat heeft die hierover te zeggen? Peter Senge spreekt over deze patronen als complexe causale kringen. Er is geen sprake van korte en directe oorzaak-gevolg relaties, maar wel van lange oorzaak gevolg ketens. Bovendien treden er vertragingen op in die ketens. Oorzaak en gevolg liggen in tijd en vaak ook ruimte verder uit elkaar. De meent wordt niet in één dag kaalgevreten, daar gaan een of twee seizoenen overheen en dus kunnen makkelijk andere boosdoeners als het weer -teveel regen, te weinig regen, extreme hitte-, de concurrenten, Europa of de markt, de schuld krijgen. En zo hoeven de betrokkenen hun eigen aandeel niet onder ogen te zien en gaan door met wat ze deden en krijgen wat ze kregen totdat de wal het schip keert. Het is dus geen onwil, maar onkunde. Ik weet dat ik mijn stokpaardje (of beter mijn paradepaardje) weer ga berijden, maar het ontbreekt deze mensen aan flexibiliteit in waarnemingsposities. Ze denken en handelen puur vanuit de eerste waarnemingspositie, het eigen belang en op de korte termijn. Juist de vierde waarnemingspositie, de systeempositie, waar ook een langetermijnperspectief aan gekoppeld is, ontbreekt en daarmee het zicht op het grotere patroon waar ze onderdeel van zijn en welke keuzemogelijkheden ze daar dan in hebben.

Oplossingen?
Mooi, dan weet ik dat en dan? Bij de afdeling engineering is het relatief simpel. Met zijn allen om de tafel. Inzicht geven in het patroon en het eigen aandeel onder ogen zien. Samen andere afspraken maken en die ook uitvoeren. En dat heeft in dit voorbeeld uit onze eigen praktijk ook prima gewerkt: probleem opgelost.

Maar als de betrokkenen elkaar niet kennen zoals bij Airbnb, hoe moet het dan? Daar wordt het toch de overheid, die de negatieve effecten gaat indammen met regels die de verhuurders sterk aan banden gaan leggen, want Airbnb zelf geeft niet thuis. De ‘oplossing’ is daar dus een overkoepelende instantie die het gezag heeft om regels dwingend op te leggen. Het gaat in de melkcrisis ook die richting op, alhoewel staatssecretaris van Dam het toch graag zoveel mogelijk door de markt zelf wil laten regelen (een concept voor verdere escalatie??). Wenselijk wellicht niet, maar onontkoombaar als de betrokkenen niet zelf hun verantwoordelijkheid nemen.

En wat moet er gebeuren als de betrokkenen elkaar niet kennen en het toch zèlf willen reguleren, zonder overheidsbemoeienis? Bijvoorbeeld een brancheorganisatie oprichten waarbij je samen de zaken zodanig regelt dat je de problemen van overbelasting vóór blijft. Moet je wel oppassen om de mededingingsautoriteit op de stoep te krijgen, want dan ben je met de boetes die ze plegen op te leggen verder van huis. Andere vormen zijn coöperaties die gelijkgestemden oprichten, waarbinnen zaken samen aangepakt en afgestemd kunnen worden, terwijl iedereen wel zijn eigen zelfstandigheid behoudt. Deze vorm is populair onder jonge start-ups. Klinkt wellicht allemaal erg benauwend naar ‘regels’, beperkende regels. Je kunt het ook zien als noodzakelijke nieuwe vormen van samenwerking, nodig om te voorkomen dat de meent snel leeg gevreten wordt en te bereiken dat iedereen nog lang en gelukkig kan ondernemen. Welbegrepen eigenbelang heet dat dan.

Dus eigenlijk is het recept simpel:

  • Onderzoek het patroon dat ontstaat
  • Bekijk wat jouw aandeel is en wat je alternatieven zijn
  • Zoek voldoende gelijkgestemden op
  • Creëer een gremium waarbij je in gezamenlijke verantwoordelijkheid het patroon reguleert

In NLP-termen: bepaal vanuit eerste positie jouw belang en jouw grenzen. Ga tweede positie met de concurrent, ervaar diens belang. Zie de overeenkomsten vanuit de derde positie. Vanuit de vierde positie kun je de effecten op het grotere systeem ontdekken en waar voor jou de hefboom ligt. Kom vervolgens weer vanuit de eerste positie in actie.

Naarmate de schaal groter is zal dat moeilijker zijn en zal er eerder een beroep op een overheid gedaan worden. Naarmate de schaal kleiner is kan het makkelijker in onderling overleg, vanuit een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid geregeld worden. Als we het echt belangrijk vinden in deze maatschappij om de verantwoordelijkheid weer terug te leggen bij de betrokkenen, dan zullen we dus allereerst iets aan de schaalgrootte moeten doen.

De meent
Terug naar het verhaal van de meent. Het is 1835, de dorpelingen hebben honger, want hun kudde is niet meer. De dorpelingen keren zich tegen de rijke adel die grote welvarende landgoederen bezit en plunderen die. De adel slaat het oproer hard neer. In hun wijsheid beslist de adel dat de traditie van de meent afgeschaft moet worden. Als een boer zijn eigen land heeft zal hij er zeker beter mee omgaan is de gedachte. Echter, de adel wil wel graag de controle houden en zo werd het pachtstelsel geboren. De boeren kunnen voortaan ieder individueel hun eigen stukje pachten van de adellijke heren. Daar kunnen ze granen verbouwen en hun kudde laten grazen. Ze betalen in natura of in geld voor het gebruik van de grond. Als ze niet aan hun verplichtingen kunnen voldoen worden ze met harde hand van de grond gejaagd door hun pachtheer. De boeren zijn hun zelfstandigheid kwijtgeraakt en dragen voortaan een substantieel deel van hun opbrengsten af. Maar wie is er met deze stap van het collectieve naar het individuele nu wijzer van geworden?
Of het historisch klopt weet ik niet, maar het is een mooi verhaal met moraal.

Ik ben benieuwd naar situaties van de ‘tragedie van de meent’ die jullie meemaken of zien en dan vooral hoe je ze hebt aangepakt. Mail ze me dan zal ik die voorbeelden in een volgend artikel verder delen.

Oh, als laatste, hoe moet dat nu met die files? Koop gerust een BMW maar voeg wel tijdig in!

Reageren: guus@intens.com

 

 

0

Over de auteur:

Ingenieur, NLP-trainer, managementcoach en -trainer. Guus heeft ervaring als projectmanager en in directiefuncties. Hij maakte in 1994 de overstap naar begeleiding en training. Hij is partner in Intens, een bureau dat zich richt op de effectiviteit van teams en organisaties, zowel in de private als de publieke sector. Hij heeft zich gespecialiseerd in het toepassen van NLP bij teambuilding en verandertrajecten. Hij ontwikkelde ‘het Speelveld der verandering’, een systemisch model om de dynamiek in organisaties op te sporen en te veranderen. Samen met Anneke Durlinger schreef hij het boek: ‘Voorbij je eigen wijze, effectief communiceren met metaprogramma’s in professionele relaties’. Samen met Mieke Laarakkers schreef hij ‘Speelveld der verandering, de onzichtbare organisatiedynamiek als hefboom’. Voor het IEP geeft hij workshops over metaprogramma’s, is gasttrainer bij de practitionersopleidingen, verzorgt introductietrainingen NLP en geeft samen met Mieke Laarakkers de workshop ‘Ecologisch veranderen van organisaties’.
  Artikelen die hiermee samenhangen

Voeg een Commentaar