Modelleringsverslag Nicole Visser: Met plezier opruimen

Geplaatst door:

Motivatie modelleringsvraagstuk
Opruimen is voor mij geen vanzelfsprekende bezigheid. Mijn moeder vertelde laatst dat ik als kind beneden studeerde en aan mijn ouders vroeg stil te zijn. Mijn moeder zei daarop dat ik toch boven aan mijn bureau kon gaan zitten. Ik reageerde kwaad dat ze toch wel wist dat daar geen plek was, omdat mijn bureau helemaal vol lag (met troep).
Naarmate ik ouder word, wil ik het ook graag voor mezelf opgeruimd hebben. Zoals wel vaker gezegd wordt: een opgeruimd huis is een opgeruimd hoofd. Nu ervaar ik dat zelf ook, omdat ik toch enigszins chaotisch in mijn hoofd kan zijn. Ik ruim dus op, maar beleef nog niet het plezier ervan. Ruim op tot zover het echt noodzakelijk is en laat een en ander toch nog rondslingeren totdat het echt niet meer anders kan. Daarbij beleef ik momenteel geen plezier aan het opruimen en zou plezier voor mij de klus ‘opruimen’ vergemakkelijken.

Personen om te modelleren
Voor deze opdracht heb ik twee personen gemodelleerd. Een vriendin en mijn vriend.
Ik had het al vaker gezien bij deze vriendin. Als ik in de avond langskwam, had ze alles netjes opgeruimd met de kaarsjes aan. We hebben het daar ook regelmatig over gehad. Ze wilde graag voor alles een plekje en geen rommel in het zicht.
Ook mijn vriend kan heel goed en snel opruimen. Hij doet dit zonder klagen of zuchten en is binnen een mum van tijd klaar met de klus, waarbij alles een eigen plek in de kasten heeft gekregen en uit het zicht is verdwenen.
Bij het overbrengen van de techniek aan de oefengroep heb ik van mijn NLP studiegenoten nog veel informatie gekregen. Deze heb ik later ook getoetst bij mijn vriendin en mijn vriend en verwerkt in het verslag.

Doelgroep voor de techniek
Ik schrijf deze techniek voor alle ouders die graag een opgeruimd huis willen hebben voor zichzelf en voor hun kinderen maar niet tot actie overgaan, omdat ze na een werkdag of een dag met kinderen moe zijn en er geen fut meer voor hebben of plezier aan beleven.

Doel van de techniek

  • Deze techniek maakt het mogelijk om op plezierige en effectieve wijze op te ruimen en te genieten van een opgeruimd huis.
  • Het creëren van de juiste mindset of attitude om met plezier op te gaan ruimen.

Hoe weet ik dat de gebruiker het doel heeft bereikt? 

  • Als de gebruiker in actie komt in een rommelig huis en er ook plezier aan beleeft.
  • Wanneer de gebruiker de ruimte dusdanig heeft geordend, dat deze rust en ruimte ervaart om te ontspannen en tijd voor zichzelf te nemen.

Overtuigingen
Een opgeruimd huis:

  • maakt dat ik de dag kan afsluiten en de avond voor mezelf kan beginnen
  • geeft rust
  • geeft houvast
  • zorgt voor een frisse, nieuwe start (in de ochtend)
  • is gezelliger
  • maakt dat de kinderen in de ochtend makkelijker kunnen spelen, minder afgeleid worden
  • maakt dat ik morgen niet bezig ben met vandaag. Morgen is weer een nieuwe dag!
  • maakt me een opruimkoning(in)

Criteria:

  • Alleen zijn (voorkeur)
  • Muziekje aan (op tempo)
  • Ruimte om te kunnen focussen
  • Mindfull zijn/ in het hier en nu

Metaprogramma’s die aan staan:

  • Proactief
  • Naartoe
  • Controle binnen zelf
  • Specifiek
  • Procedure
  • Handhaving
  • Activiteit
  • Alleen
  • Heden
  • Visueel

Extern gedrag:

  • In beweging zijn
  • Snel tempo
  • Ritmische bewegingen
  • De handen maken een procedureel gebaar
  • Focus op de bezigheid

De trigger: de dag afsluiten door de rommel en troep op te ruimen en het gezellig te maken voor mezelf en mijn familie.

Overzicht van de techniek

Stap 1: Afsluiten van de dag met kinderen (geassocieerd, K, Vc,Vh,Ac,Ah,Ad)
Stap 2: Visualiseren van de ruimte (gedissioceerd, K/Vc)
Stap 3: In actie komen (geassocieerd Vc, K, Ad)
Stap 4: Focus op doel (geassocieerd Vc, K, Ad)
Stap 5: Tijd voor jezelf (geassocieerd, VAKOG)
Stap 6: Je begint de dag in een opgeruimd huis (geassocieerd, VAKOG)

Stap 1: Afsluiten van de dag met kinderen (geassocieerd, K, Vc,Ac,Ad)
Het doel van deze stap is om na het avondritueel met je kinderen ruimte te creëren voor het opruimen.

Je doet het avondritueel met de kinderen waarna je ruimte creëert voor het opruimen. Je weet dat je ruimte hebt gecreëerd als je na het avondritueel verbondenheid voelt met je kind. Dit is een warm energetisch gevoel dat door je lijf trekt. Dit kun je op verschillende manieren bereiken. Merk maar of je de verbinding met je kind voelt als je bij het instoppen van je kind een onzichtbare buis tussen jullie twee ervaart of als je je kind tevreden onder de dekens ziet liggen of als je zegt ‘ik hou van jou’ met een kus.

Zintuiglijk voorbeeld:
Ik breng de kinderen naar bed. Ze gaan om de beurt onder de douche. Daarna poets ik samen met ze de tanden. Plassen doen we ook nog tussendoor. Daarna is het tijd voor een verhaaltje en een nachtzoen. Nadat ze in bed liggen, ga ik naar de slaapkamer en ga ik de was vouwen. Ik word nog een aantal keer geroepen voor een slokje water of een vraag over morgen. Ik voel de verbondenheid als ik ze onder de dekens kan stoppen, ze een nachtkus geef, in de ogen kijk en zeg dat ik van ze hou. Ik voel de warmte door mijn lijf stromen. Welterusten roep ik nog een keer en ik loop naar beneden.

Stap 2: Visualiseren van de ruimte (gedissioceerd, K/Vc)
Het doel van deze stap is om de kamer in beeld te krijgen en de klussen te prioriteren

Je komt beneden en je visualiseert de ruimte vol met speelgoed, etenswaren, knipsels etc. Je kijkt de hele kamer rond en ziet alles om je heen. Je hebt daarbij een perifere blik.  Je bent in contact met jezelf en voelt je geaard. In je hoofd is het licht en ruim. Je inventariseert de klussen. Laat maar in je opkomen wat je eerst gaat oppakken: grote of kleine klussen. Als je dit lastig vindt, kan het je helpen om je de afronding van een eerste klus voor te stellen. Dat het je voldoening geeft en merk maar waar je in je lijf voelt dat je wilt beginnen en waar.

Zintuiglijk voorbeeld:
Ik stap de kamer binnen en kijk met een perifere blik. Ik zie rechts van me de bank en het speelgoed op de grond. Links zie ik de lange eettafel met spullen erop en eronder.
Als ik verder loop zie ik de keuken. Daar liggen ook papieren, rommeltjes en de vaat van het eten. Ik kijk om me heen en merk aan mijn lijf dat ik met de keuken wil beginnen. Dat gevoel bij mij is een stukje urgentie: ‘die keuken dat kan zo niet langer’.

Stap 3: In actie komen (geassocieerd Vc, K, Ad)
Het doel van deze stap is om in beweging te komen en de spullen een plekje te geven

Je zet eerst een opzwepend muziekje op. En dan ga je beginnen door in beweging te komen. Je werkt stap voor stap in een bepaald ritme ‘tak tak tak’. Je houdt dit ritme aan. Bij het afronden van een klus zeg je: “Zo, dat is ook weer klaar” of alleen “Zo”. Dat is je anker voor toekomstige opruimklussen. En je gaat weer verder. Je hebt een stevig tempo en blijft in het ritme. Ook zie je een plekje voor alle spullen. De innerlijke metafoor hierbij is een stoomlocomatief die op gang komt. Toet toet en als je klaar bent, kun je stoom afblazen.

Zintuiglijk voorbeeld:
Ik zet de tv aan om een muziekje op te zetten. Ik pak als eerste de keuken aan. Ik maak de vaatwasser leeg, zodat ik alle vieze spullen daarin kan wegzetten. Ik ruim de tafel af en zet dat ook in de vaatwasser aan. Als alles erin staat zet ik de vaatwasser aan en zeg tegen mezelf: “Zo, dat is ook weer klaar”. Vervolgens ga ik met een doekje het aanrecht af doen, de tafel, de stoelen. De vloer veeg ik bij elkaar en zeg vervolgens “Zo”. Mijn tempo is stevig en ik werk in het ritme. Er liggen nu nog veel losse spullen en alles wat ik nu in mijn handen pak, leg ik ergens op een plekje, het liefste uit het zicht. Wat naar boven kan, leg ik op de trap.

Stap 4: Focus (geassocieerd Vc, K, Ad)
Deze stap heeft als doel om tijdens het opruimen de juiste focus te hebben.

Je hebt een duidelijke focus. Deze focus kan verschillend zijn, bijvoorbeeld de focus op het ritme, tak tak tak waardoor je in een soort trance komt en/ of de focus op de spullen die je in je handen ziet en voelt bij alles wat je vastpakt en/of de focus op het beeld van een opgeruimde keuken/tafel/huis. Deze focus zorgt ervoor dat je in het hier en nu bent en terugkeert. Als je gedachte afdwalen, dan richt je je weer op het ritme, de spullen en/of het beeld.

Zintuiglijk voorbeeld:
Terwijl ik bezig ben, denk ik niet aan werk, school, kinderen etc. Ik heb mijn focus op het ritme en de spullen in mijn handen. Ik zie de plek voor de tekeningen en een plek voor het speelgoed. Ik doe alles in een soort van trance. Het voelt prettig. Ik heb even geen oog voor andere zaken. Als er een gedachte voorbijkomt over iets anders dan opruimen, richt ik mijn aandacht weer op het ritme, pak ik het tempo weer op en zie en voel ik de spullen die ik in mijn handen pak.

Stap 5: Tijd voor jezelf (geassocieerd, VAKOG)
Het doel van deze stap is om jezelf te belonen met tijd voor jezelf.

Je bent klaar met opruimen en je hebt een voldaan gevoel na de klus. Het geeft je rust en ruimte in je hoofd en warmte in je lijf. Merk maar waar je dat in je lijf voelt.

Zintuiglijk voorbeeld:
Ik doe de kaarsjes aan. Vervolgens maak ik een kopje thee en ga lekker op de bank zitten met een boekje. Ik geniet van mijn ruimtelijke huis en voel een soort van rust om te relaxen.
Het voelt leeg in mijn hoofd. Ik ben tevreden.

Stap 6: Je begint de dag in een opgeruimd huis (geassocieerd, VAKOG)
Het doel van deze stap is om de dag fris te beginnen.

Je komt met je kinderen beneden en het is opgeruimd. Je ervaart ruimte in je hoofd zodat je meteen je aandacht op je kinderen kan richten.

Zintuiglijk voorbeeld
Ik kom samen met mijn oudste kind beneden en hij zit aan een lege tafel. Er is geen afleiding in de vorm van speelgoed, krantjes of prulletjes, zodat hij rustig zijn ontbijt kan opeten. Ik ervaar het als rust voor ons beiden en geniet van het moment samen.

Commentaar/conclusie
Deze techniek kan ik dagelijks inzetten, omdat de situatie zich dagelijks voordoet. Dat maakt het gemakkelijk om er veel mee te oefenen. Het is daarbij belangrijk dat ik er de tijd voor neem. Als ik moet sporten of ik heb een afspraak dan betekent het dat deze taak uitgesteld moet worden of minder grondig wordt gedaan. Dat is dan ook goed. Ik hoef me daarover dan niet rot te voelen. De volgende dag kun je het weer oppakken. Ik heb mijn vriend ook aangegeven dat het voor mij belangrijk is en hij wil er zelf ook rekening mee houden of het doen als ik er niet ben.

Beide experts hadden een aantal dezelfde kenmerken m.b.t. het opruimen. Het opruimen gaat met een snel tempo, alle spulletjes krijgen een eigen plek (uit het zicht) en de focus ligt volledig op het beeld en het ritme, waardoor ze niet afdwalen met hun gedachte. Mijn vriendin heeft daarbij een duidelijk beeld van de opgeruimde keuken, tafel of ruimte voor ogen.

Als ik een avond geen fut heb, is het belangrijk dat ik de focus op het beeld aanzet, waarbij ik een beeld zie van een opgeruimd huis. Tijdens het opruimen wordt ook het ritme in combinatie met het snelle tempo belangrijk. Hierdoor kan ik niet meer piekeren. Om in het hier en nu te blijven is de aanraking met de spullen van belang.

En om het te blijven doen, is het voor mij belangrijk om heel bewust van de laatste stappen te genieten. Je bent dan geassocieerd in het moment aan het genieten met al je zintuigen.

Mijn vriendin gaf zelfs een heel mooi symbool voor opruimen: Het is net zoiets als na borrelen na een etentje met vrienden.

Wat is de belangrijkste stap?
Voor mij maakte stap 4 ‘de focus’ een wezenlijk verschil. Voorheen zat ik vaak in mijn hoofd te denken en soms te piekeren over werk, school, kinderen etc. Ik heb dan het metaprogramma’s ‘reactief’ en ‘weg van’ aanstaan. Daardoor duurde het opruimen ook lang en was ik veel afgeleid.
Volgens deze techniek ligt je focus op een onderdeel of meerdere onderdelen van het opruimen, waarbij het metaprogramma ‘proactief’ en ‘naar toe’ aanstaat. Het ritme en het snelle tempo zijn belangrijk om niet te kunnen piekeren. Daarvoor moet ik bij de les blijven. De aanraking van de spullen zorgt ervoor dat ik in het hier en nu ben. Ik ben daardoor sneller klaar met opruimen, heb er plezier in en hou er ook een voldaan gevoel aan over.

Wat is de relatie tussen de stappen?
De techniek begint bij het afsluiten van de dag en eindigt bij het begin van de dag. De stappen volgen elkaar op, waarbij stap 3 en 4 tegelijkertijd worden geactiveerd. Wanneer je in actie komt, start direct de focus op het doel.

Verklaring afkortingen
De codes verwijzen naar de oogbewegingen van een rechtshandig persoon. Hieronder hoe je het voor je zelf kan doen.
Vh Visuele herinnering, de ogen naar links omhoog
Vc Visuele constructie, de ogen gaan naar rechts omhoog
K Kinestetisch, voelen, de ogen gaan naar rechts beneden
Ad Auditieve zelfspraak, de ogen gaan naar links beneden
Ah Auditieve herinnering, de ogen gaan naar links midden
Ac Auditieve constructie, de ogen gaan naar rechts midden

VAKOG = de zintuigen: Visueel, Auditief, Kinestetisch, Oilfactoir = reuk, Gustatoir = smaak.

0

Over de auteur:

Posting is geen auteur. Dit is iemand van het IEP secretariaat die een artikel in de bibliotheek heeft geplaatst. De auteur is degene die bij het artikel staat aangegegeven. Wilt u ook een artikel in de IEP bibliotheek plaatsen? Stuur dan een mailtje naar mail@iepdoc.nl.
  Artikelen die hiermee samenhangen

Voeg een Commentaar