Omgaan met angsten en trauma’s

cladder3   NLP opleiding   NLP cursus   Provocatief   MindSonar

Specialisatie voor coaches

Bij het coachen en bij het geven van trainingen kom je soms cliënten of deelnemers tegen die last hebben van angsten of onverwerkte trauma’s. Als het gaat om hevige angsten en diepe trauma’s, verwijs je zo iemand door naar een psychotherapeut. Als de klachten echter niet al te ernstig lijken en als de relatie goed is, kun je hem als coach ook zelf verder te helpen. Daarvoor gebruik je technieken die speciaal voor dit soort problemen zijn ontwikkeld. Deze training is bedoeld om dat op een goede manier te leren doen. De training wordt gegeven door Hans Cladder, een psycholoog die veel ervaring heeft met dit soort technieken en dit soort cliënten.

 

Data, trainer en deelnamekosten

Data
Deze training is te boeken als incompany-training

Trainer
Hans Cladder
Meer informatie over de trainer

Bestemd voor
Coaches en persoonsgerichte trainers

Deelnamekosten
Vraag vrijblijvend een offerte voor deze incompanytraining aan bij het secretariaat van het IEP.

 

De technieken

In deze training leert u vier* technieken.

  1. Het heldenverhaal van Lazarus (Emotive imagery)
    voor fobieën van kinderen en volwassenen
  2. Het regisseren van dromen en nachtmerries
    (de regiseurstechniek van Araoz)
  3.  De oplossingsgerichte aanpak van trauma’s
    (‘Posttraumatisch succes’)
  4. De dubbele dissociatie techniek uit NLP.

* Deze selectie van technieken is een eerste opzet. Aan het begin van de training bespreekt Hans nog enkele andere technieken en kunnen de deelnemers gezamenlijk besluiten welke vier technieken er worden behandeld.

Programma

Per onderdeel bestaat het programma uit:

  • Uitleg van de methodiek en ervaringen van Hans met de methodiek.
  • Contra-indicaties (wanneer kun je beter doorverwijzen naar een psychotherapeut)
  • Theorie achter de methodiek
  • Rationale (Hoe je de techniek aan de cliënt presenteert)
  • Demonstratie met een van de deelnemers.
  • Wanneer en met wie doe je deze techniek niet?
  • Oefenen van het presenteren van de rationale
  • Oefenronde 1, volledige techniek
  • Nabespreking
  • Oefenronde 2, volledige techniek
  • Nabespreking

1. Het heldenverhaal

Deze techniek is afkomstig uit de kindertherapie, maar kan ook – misschien wel juist daarom – prima worden gebruikt met volwassenen. De coach vraagt de cliënt om een held uit te kiezen, die hem zal gaan helpen. Dit is vaak een mythologisch figuur of strip- of een filmfiguur. De basisstappen voor deze techniek zijn als volgt:

  1. Maak een lijst van de minst beangstigende tot de meest gevreesde situaties.
  2. Vraag de cliënt om een held te kiezen en daar iets over te vertellen.
  3. Vraag de cliënt om de ogen te sluiten en vertel een verhaal waar de held de cliënt helpt in de moeilijke situaties door dingen voor te doen, instructies te geven, aan te moedigen en te belonen.
  4. Stem de inhoud van het verhaal af op de reacties van de cliënt. Vraag zo nu en dan hoe het gaat, hoe het is, zo samen met de held daar dat te doen. Lijkt de cliënt zich toch ongemakkelijk te gaan voelen, breng dan meer plezierige beschrijvingen in die op de cliënt en de held betrekking hebben. Ga pas over tot een volgend onderwerp als de cliënt geen spanning of angst meer voelt in de vorige (makkelijker) situatie.

Voorbeeld
De cliënt is bang in het donker, ’s avonds durft hij niet gaan slapen, en hij is dol op autoracen. ‘Samen met je broer ga je naar de autoraces. Als jullie op de tribune zitten komt er iemand naar je toe die zegt dat er een coureur ziek is geworden en die je vraagt of jij zijn plaats in zou willen nemen. Hij wijst je je favoriete auto, en trots stap je in. Na de start ben je bij de kopgroep. Je denkt houden zo. Dan zie je een donker bos voor je waar het circuit dwars doorheen loopt. Je duikt het bos al in met je auto. Het is er goed donker, maar je ligt nog steeds vooraan’. Enzovoort.

hero2 703x201   NLP opleiding   NLP cursus   Provocatief   MindSonar

Dromen en nachtmerries

Zelf maakt Hans graag de volgende driedeling:

  1. Als er nachtmerries en angstdromen zijn behandelt hij die het eerst, omdat dat zo makkelijk is en zoveel effect heeft.
  2. Als die er niet zijn maar er sprake lijkt van belangrijke discrete traumatische gebeurtenissen, dan bewerkt hij die, voor hij meer in het hier en nu gaat werken.
  3. Lijken er geen nachtmerries en geen belangrijke trauma’s te zijn, dan begint hij met de gewone anti-angsttechnieken.

Dromen met een boodschap of betekenis

Bij nachtmerries gebruikt Hans de volgende interventies. Lijkt de droom een betekenis te hebben, een boodschap te bevatten, dan gebruikt hij de ‘dialoog met de agressor’.

Voorbeeld
Een zestienjarig meisje met nachtmerries waarin zij werd achtervolgd door witte dieren, vroeg in trance aan een grote witte vogel waarom die haar achternazat. De vogel vertelde haar dat ze in de biologieles een witte muis die nog niet helemaal dood was in de prullenbak had gegooid. Nadat ze de vogel haar oprechte spijt had betuigd verdwenen de nachtmerries.

Ook bij rouwproblemen kan een dialoog in trance, en dan met de overledene, zinvol zijn. De cliënt kan de overledene dan alsnog vertellen wat hem nu dwars zit, en kijken en luisteren hoe die daarop reageert. De coach treedt dan op als gespreksleider, en zorgt ervoor dat de cliënt het gesprek niet voortijdig afbreekt, en dat de overledene reageert zoals van iemand in het hiernamaals verwacht mag worden.

Onaffe nachtmerries zonder eind
Is de droom nachtmerrie-achtig, gewoon omdat hij onaf is (de cliënt voortijdig stopte of wakker werd), dan wordt de droom afgemaakt of doorgedroomd tot een rustpunt. Ook trauma-bewerkingstechnieken als de implosieve desensitisatie van Edelstien zijn deels te begrijpen vanuit dit principe van afmaken tot een rustpunt. Het gaat er maar om waar je de punten en komma’s zet in het verhaal, want na zonneschijn komt regen, en na regen komt zonneschijn, maar het pauzeert beter in de zon, dus blijf niet nodeloos hangen in de regen.

2. De regisseurtechniek van Araoz

De regisseurtechniek van Araoz gebruikt Hans met name als het gaat om nachtmerries over zaken die niet echt gebeurd zijn. De coach vertelt de cliënt dat hij niet alleen de toeschouwer is van zijn dromen en de hoofdrolspeler in zijn dromen, maar ook de auteur en de regisseur van het drama. En dat als een voorstelling niet bevalt, de cliënt de tekst kan herschrijven en nieuwe regieaanwijzingen kan geven. Je kunt dromen opvatten als boodschappen van je onderbewustzijn aan je bewustzijn over wat je bezighoudt, maar je hoeft het geen eenrichtingverkeer te laten zijn. Je kunt boodschappen teruggeven aan je onderbewustzijn over hoe je het hebben wilt, en zelf zorgen voor een bevredigender afloop. Als je wakker bent geworden met een nachtmerrie, bezin je je op wat je beter of liever had gedaan in de droom.

Als je het stuk zo herschreven hebt dat het door toedoen van de hoofdpersoon beter afloopt, maak je het je weer makkelijk en sluit je je ogen en kijk je naar de nieuwe versie. En als je tevreden bent met de nieuwe versie ga je ook de hoofdrol weer spelen en zorg je voor een bevredigender afloop. Dit wordt dan dagdromend in de sessie geoefend.

3. De oplossingsgerichte aanpak van trauma’s

Furman, een solution-focused psychiater, vroeg lezers van twee Finse tijdschriften die een moeilijke jeugd hadden doorgemaakt, om daarover drie vragen te beantwoorden:

  1. What do you think helped you survive your difficult childhood?
  2. What have you learned from your difficult childhood?
  3. In what way have you managed in later life to have the kind of experiences that you were deprived of as a child?

Hij kreeg ongeveer 300 antwoorden. Deze overtuigden hem ervan dat mensen het vermogen hebben om vrijwel ieder trauma to overleven. Deze antwoorden gaven hem de overtuiging dat mensen hun verkleden – zelfs als dat perioden van zeer extreem lijden omvat –  kunnen zien als een bron van kracht in plaats van zwakte. “Our past is a story we can tell ourselves in many different ways. By paying attention to methods that have helped us survive, we can start respecting ourselves and reminisce about our difficult past with feelings of pride rather than regret”.

O’Hanlon, een solution-focused psychotherapeut, die de term ‘posttraumatisch succes’ introduceerde, geeft enkele richtlijnen voor het begeleiden van overlevenden:

  1. Zoek uit wat iemand met de behandeling hoopt te bereiken en hoe hij zal weten dat het gelukt is.
  2. Ga na of de ander in een veilige situatie leeft. Als dat niet zo is, doe dan alles wat binnen je vermogen ligt om daar voor te zorgen.
  3. Ga er niet automatisch van uit dat de cliënt altijd terug moet gaan naar vroeger en traumatische herinneringen moet verwerken. Sommige mensen hebben dat nodig maar andere niet.
  4. Ga op zoek naar hulpbronnen en innerlijke kracht. Benadruk dat de cliënt er doorheen gekomen is. Richt de aandacht op wat hij heeft gedaan om er mee om te gaan en het te overleven en naderhand weer op te bloeien. Zoek naar gezonde relaties en rolmodellen, zowel relaties die hij in het verleden heeft gehad als relaties die hij nu heeft. Kijk naar vaardigheden die hij nu heeft op andere gebieden. Laat de cliënt vertellen over hoe hij heeft voorkomen dat hij destructief is gaan handelen, ondanks het feit dat deze dingen zijn gebeurd.
  5. Erken en ondersteun alles wat de cliënt heeft meegemaakt en wat voor iemand hij is geworden, in al zijn facetten.
  6. Maak, als dat nodig is, duidelijk afspraken (b.v. een contract) met betrekking tot het voorkomen van zelfmoord, moord en andere gevaarlijke handelingen.
  7. Blijf je richten op het doel van de behandeling en zorg dat je niet verdwaalt in de afschuwelijke details.
  8. Zorg dat je de ander niet de indruk geeft dat hij ‘beschadigd’ is of dat zijn toekomst door het trauma zal worden bepaald.
  9. Daag, op een voorzichtige manier, zelfverwijtende en zelfondermijnende verhalen uit.

4. Dubbele dissociatie

Dit is de visueel-kinesthetische dissociatie uit de NLP, die evenals de EMDR en de EFT vooral gebruikt wordt voor het bewerken van trauma’s. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het feit dat je minder kunt voelen als je jezelf vanuit een (dubbel) observatiestandpunt bekijkt,  en als je alles achteruit beleeft in omgekeerde tijdsvolgorde.

Voorbeeld
Maak een plaatje van het laatste moment vóór de ellende waarop je ziet dat je je nog goed voelt, en een van het eerste moment na de ellende waarop je ziet dat je je weer goed voelt, en dat alles voorbij is. En stel je dan voor dat je op het balkon van de bioscoop bij de projector gaat zitten, en ziet hoe de jij van nu op de eerste rij gaat zitten kijken naar de zwart-wit dia van de jij van toen vlakvoor de ellende. En dan start je de projector en zet je de zwart-wit film in beweging, en zie je de jij van nu op de voorste rij zitten kijken naar de film van toen. En als  de film bij het eind gekomen is waar alles weer goed is, dan zeg je dat even. En dan verander je dat laatste plaatje in kleur, en zweef je in het beeld, en beleef  je zo meteen alles weer van binnenuit maar achterstevoren, van na de ellende terug naar vlak voor de ellende begon, in sneltreinvaart. Iedereen beweegt achteruit, en ook de geluiden gaan achteruit, dus je verstaat er niks van. OK, doe maar, in hersentempo, zoeoeoeoeoem. En als je weer bij het begin bent doe je je ogen weer even open. Hoe ging dat? En nu nog een keer, twee keer zo snel, vanaf het eind terug naar voor het begin. En nog twee keer zo snel. En nog twee keer zo snel. En nog een laatste keer. Hoe is het nu als je terugdenkt aan toen?

 
angst703x201   NLP opleiding   NLP cursus   Provocatief   MindSonar
google-site-verification: googleea9c6df6e80f0f93.html