Menu 

Horken en heksen. Hoofstuk 1: Seks

Artikel: Horken en heksen. Hoofstuk 1: Seks

Auteur: Jeffrey Wijnberg

Beschrijving: 2010 Hoofdstuk uit het boek van Jeffrey Wijnberg over de strijd tussen de seksen: Heksen en horken.

 

 

======================

Vrouwen hebben altijd gelijk. En mannen worstelen daarmee. Zeker als het om seks gaat. Want alleen bij gratie van haar gewilligheid kan er iets van seksuele omgang tot stand komen. Het mag dan zo zijn dat de man het initiatief neemt, zij bepaalt of zijn initiatief de moeite waard genoeg is om in seksuele daden te worden verzilverd. In het begin van elke relatie wordt de seksuele omgang niet als probleem ervaren. De verliefdheid is bepalend. Het verlangen elkaar te veroveren is zo sterk dat er helemaal niet op wordt gelet wie het initiatief naar zich toetrekt; laat staan wanneer of hoe vaak. Ook al zou de man in de verliefdheidsfase, objectief gezien, vaker het initiatief nemen, dan nog ervaart hij dit niet als storend omdat gevoelsmatig de buit nog niet binnen is. Voor hem is het zoeken van seksueel contact een middel om haar te overtuigen dat hij moeite voor haar wil doen en voor haar is zijn moeite een middel om af te tasten of hij in haar wil investeren. Is dan ook nog de kwaliteit van de seksuele omgang voor beiden bevredigend, dan is er rond het thema seks geen vuiltje aan de lucht. Er wordt pas een probleem ervaren als de buit binnen is, of netter gezegd: van beide kanten de relatie als zekerheid wordt ervaren.

Dat de man seksueel verlangen toont is voor haar vanzelfsprekend. Zo is de relatie begonnen en voor haar is er geen enkele reden om aan te nemen dat hij anders naar haar kijkt. Maar terstond moet belonen. Al gauw hangt zij de overtuiging aan dat hij ook moeite voor haar mag blijven doen, zonder onmiddellijke beloning. En met die overtuiging wordt door haar het startsein gegeven voor hem om te begrijpen wat het begrip ‘voorspel’ nu werkelijk betekent. Dacht hij dat het voorspel begint als zij beiden onder de lakens belanden, al gauw zal hij moeten begrijpen dat hij dan al te laat is. Voor haar betekent voorspel een hele reeks van handelingen die al vanaf de ochtend, of soms zelfs de week daarvoor, moeten worden ingezet die, mits goed uitgevoerd, eventueel kan leiden tot seks als beloning. Die reeks van handelingen kan variëren, maar moet wel gericht zijn om haar in een stemming van wederkerigheid te brengen. Zo zal de man bereid moeten zijn om, bijvoorbeeld, extra huishoudelijke klussen uit te voeren, haar tussentijds te overladen met complimenten over haar uiterlijk, aandachtig te luisteren als zij in gesprek om de aandacht vraagt en een lekkere maaltijd op tafel te zetten inclusief het opruimen en het zetten van de koffie naderhand. Het voorspel krijgt extra glans als hij haar ook nog kan trakteren op een avondje naar de schouwburg of een gezellige wandeling in de buitenlucht, vergezeld van liefdesverklaringen en andere kleine attenties. Ook mag hij niet vergeten om aantrekkelijk voor de dag te komen wat zoveel betekent dat hij, voordat dat enige toenadering ingezet kan worden, goed gewassen en lekker geurend onder de douche vandaan moet stappen. De oplettende man zal, zeker na verloop van tijd, deze vorm van voorspel zien als vrouwelijk machtsmiddel, oftewel: ‘ik mag alleen maar seksueel aan mijn trekken komen als ik aan haar lange lijst van eisen voldoe’. De waarheid gebiedt te zeggen dat deze constatering waar is: de vrouw zal seksuele gunsten alleen verlenen als hij aan haar voorwaarden voldoet. En voor de vrouw is dit niet meer dan logisch. Waarom zou zij hem over zijn bol moeten aaien, als hij haar niet tegemoet wil komen? Nu zal de vrouw, desgevraagd, ontkennen dat zij seks als machtsmiddel gebruikt. Zij zal zich eerder uitlaten in bewoordingen zoals ‘voor mij is een goede sfeer belangrijk, wil ik zin in seks hebben’ of ‘het is toch normaal dat je eerst goed contact hebt, voordat je intiemer kunt worden’. Traditioneel zal de man het omgekeerde beweren met opmerkingen als ‘voor mij is seksuele intimiteit de beste manier om goed contact op gang te brengen’ of ‘een goede sfeer ontstaat vanzelf als je seksueel voor elkaar openstaat’. Goed beschouwd, heeft ieder zijn gelijk. Maar, zoals telkens weer zal blijken, telt alleen het gelijk van de vrouw. Alleen zij heeft het laatste woord als het gaat om hun seksuele omgang. Een beetje man zal zich hier niet zomaar bij neerleggen, vooral niet wanneer hij gevoelig is voor afwijzing.

Seksuele strijd

En welke man is dat niet? Hij zal het als oneerlijk en onsportief ervaren dat
zij nooit enig seksueel initiatief toont. Het probleem dat in zijn hoofd gaat spoken bestaat uit twee componenten: 1) omdat hij de enige is die seksueel initiatief toont, kan zij hem altijd afwijzen; omgekeerd loopt zij nooit enige risico om afgewezen te worden. 2) omdat zij geen enkel seksueel initiatief toont, is het maar de vraag of zij überhaupt (nog) naar hem verlangt. Het klinkt wat overdreven, maar in de praktijk groeit dit mannelijk probleem vaak uit tot een ware depressie: hij voelt zich niet alleen machteloos, maar gaat er emotioneel onder gebukt dat hij voor haar niet begeerlijk is. Geheel tegen zijn mannelijke gewoonte in, zal hij steeds meer aan zichzelf gaan twijfelen met gedachten zoals ‘ben ik nog aantrekkelijk’, ‘is zij op mij uitgekeken’ of ‘ben ik voor haar niet mans genoeg’? Het is een geestelijke toestand die ook gemakkelijk leidt tot achterdocht. Bij hem kan het vermoeden groeien dat zij een ander heeft, heimelijk verliefd is op een collega van haar of op zijn minst al bezig is om zich emotioneel terug te trekken uit de relatie. Hoe invoelbaar deze groeiende mannelijke twijfels ook zijn, in de relatie met haar zal hij er alleen maar onaantrekkelijker door worden. Zij zal de somberte van hem ervaren als drukkend, manipulatief en claimend, waardoor nog meer afwijzing zijn deel wordt. Duidelijk mag het zijn dat aan deze problematiek, zoals met elk probleem in de relaties tussen horken en heksen, een machtstrijd gaande is: hij eist van haar het tonen van affectie en seksueel verlangen, terwijl zij vindt dat hij meer moed en incasseringsvermogen aan de dag moet leggen. Het is een strijd die vele jaren kan woeden, maar eentje die hij nooit zal kunnen winnen. Daar komt nog bij dat, bij jongere stellen, de vrouw het niet als belastend ervaart om het een tijdje zonder seksuele omgang te doen. Sterker nog, jongere vrouwen kunnen, zonder enige moeite, de knop omzetten op geheelonthouding. Daarentegen heeft een jonge vent doorgaans een dermate sterk libido dat hij er wel onder zal lijden geen seksuele verkeer te hebben. Blijft hij halsstarrig wachten op haar initiatief, dan zal hij tussentijds zijn heil moeten zoeken in zelfbevrediging, iets wat mannen, ook al hebben ze regelmatig seksuele omgang met hun partner, toch al doen. De man die hiervoor psychologisch hulp zoekt, kan in een provocatieve therapiesessie het volgende verwachten:

C(lient): het is toch niet raar om te verwachten dat mijn vrouw ook iets van seksueel verlangen toont?
T(herapeut): nee, een man kan verwachten wat hij wil, maar mijn vraag is of het werkt?
C: hoe bedoel je?
T: nou, komt zij jouw verwachting tegemoet?
C: nee, ze geeft geen krimp.
T: precies, ze gaat heus geen toenadering zoeken, enkel en alleen omdat jij dat van haar eist, eerder omgekeerd; ze zal door jouw gedram meer afstand nemen.
C: het lijkt wel of je op haar hand bent, alsof je het normaal vindt dat ze mij zo afwijst.
T: zo sneu en smachtend als je er nu bij zit, maakt je niet bepaald aantrekkelijker.
C: ja, ik ben behoorlijk radeloos, dat geef ik toe.
T: precies, dus welke vrouw zou überhaupt iets willen met een zielenpoot?
C: nou, nou, je valt me wel heel erg af.
T: hmmm, ja, en jij bent nu net zo sneu als wanneer zij jou afwijst, ik bedoel je blijft verongelijkt en dat roept alleen nog maar meer afwijzing op.
C: ok, goed, maar wat moet ik dan?
T: de strijd opgeven.
C: welke strijd?
T: dat je haar op de knieën wilt krijgen; daar zal zij nooit mee instemmen.
C: dus?
T: dus wat?
C: gewoon braafjes afwachten tot ik aan de beurt ben of zo?
T: dat klinkt nog steeds heel zielig; laat ik dit aan je vragen; als je zelf het initiatief neemt en het lukt je wel om haar voor je te winnen, zoals je dat anders ook deed, en jullie hebben het bed gedeeld, is de seks dan bevredigend?
C: ja, dat is zo apart; als het er dan van komt, na inspanningen van mijn kant, dan zegt ze zelfs ‘dat zouden we vaker moeten doen.’
T: ja, en dan denk jij op dat moment: ‘mooi, ik ben benieuwd wat je gaat ondernemen.’
C: ja, precies!
T: fout! Zij wil elke keer opnieuw veroverd worden; dat heb je toch wel voor haar over?
C: blijkbaar niet ik bedoel, het mag toch ook van twee kanten komen.
T: ja, dat mag, maar het hoeft niet; en denk na, jij hebt het in eigen hand of jullie seksuele omgang hebben; je moet alleen niet zo zielig doen als zij jou afwijst.
C: het is toch niet verkeerd om het verlangen te hebben begeerd te worden.
T: nee, je mag elk verlangen koesteren die je maar wilt, alleen is het resultaat wel dat je één en al boze frustratie bent; bovendien is het belangrijk dat je inziet dat jouw inzet is om haar te manipuleren.
C: daar ben ik me helemaal niet van bewust.
T: precies, en dat is nu juist het probleem; haar gelijk zal altijd prevaleren, dus is het slimmer om geen strijd te voeren die je niet winnen kunt.
C: hmmm, lastig; maar, ik moet wel toegeven dat ik eigenlijk nooit mijn gelijk weet binnen te slepen.
T: nou dan, wees dan ook niet zo koppig. bovendien, je kunt wel je zin krijgen, door haar zin te doen.
C: hmmm, moet ik even laten bezinken.

Bange mannen in beweging

Is de man de leeftijd van 50 gepasseerd, dan neemt het seksueel verlangen (libido) af. Deze vermindering van lust, kent twee componenten, het fysieke en het psychische: puur lichamelijk is er minder aandrang voelbaar terwijl tegelijkertijd de man het gevecht om haar gunsten min of meer opgeeft. Als er elke keer zoveel rompslomp voor nodig is om haar te verleiden, dan is het voor hem net zo gemakkelijk om zichzelf te bevredigen. In deze fase van de relatie, zal de vrouw er doorgaans een punt van maken dat zij niet meer aan haar trekken komt en hem voor de voeten gooien dat hij het seksueel laat afweten. En ook op dit punt heeft zij gelijk. Immers, hij mag dan in een dalende levenslijn verkeren, dat neemt niet weg dat hij nog altijd moeite voor haar kan doen. Aangezien vrouwen vandaag de dag zelfstandiger en onafhankelijker opereren, komt het ook vaker voor dat zij hun seksueel heil elders zoeken. Nu geeft ontrouw binnen de relatie onherroepelijk een vertrouwensbreuk en brengt meer schade toe, dan op termijn wenselijk is. Daarom is het slimmer wanneer de vrouw, voordat zij ontrouw is, haar partner openlijk opbiecht dat ze geneigd is om toe te geven aan haar verliefdheid. In de regel is dat een signaal dat de man meteen begrijpt. Zijn vrouw verliezen aan een andere man is te bedreigend om niets te ondernemen. Op slag zal hij niet eens meer een pilletje Viagra nodig hebben om enige opwinding te kunnen voelen. Het is weer eens een voorbeeld dat laat zien dat mannen pas in beweging komen als zij bang worden. Het is deze angst waar vrouwen met succes gebruik van kunnen maken. En het is belangrijk dat vrouwen zich er van bewust zijn dat zij de macht hebben om hem in het gareel te krijgen. In dit verband moet ik denken aan een vrouw van middelbare leeftijd, inmiddels al 35 jaar getrouwd, die om therapeutische begeleiding vroeg nadat ze had besloten om voor minimaal een half jaar op zichzelf te wonen. Zij zei: ‘hij weet na zoveel jaar huwelijk heel goed wat mijn verlangens zijn, maar heeft er tot nu toe nooit aan willen toegeven; misschien is dit de enige manier om hem wakker te schudden.’ Als voorbeeld gaf zij ze het zo geweldig vond om te dansen, maar dat hij altijd had geweigerd om met haar op dansles te gaan. Twee week later had hij haar een brief had gestuurd om te vertellen dat hij haar vreselijk miste. Hij meldde ook dat hij op dansles was gegaan om in vorm te komen voor als ze zou besluiten om terug te komen. In eerste instantie was zij boos dat haar vertrek ervoor nodig was om hem zover te brengen, maar na een tijdje kon ze tevreden zijn dat hij haar, te langen leste, tegemoet wilde komen. En er volgde meer: tegen de tijd dat het half jaar om was, had hij zich mentaal, emotioneel en lichamelijk zo opgepoetst dat zij hem kon belonen met haar terugkeer. Dit verhaal vertel ik in mijn therapiesessies met andere vrouwen nog altijd en gebruik het om hen aan te sporen hun machtpositie te gebruiken om de relatie vlot te trekken. Natuurlijk zijn er ook vrouwen die, met een tijdelijk vertrek, zelf bang zijn om hun partner te verliezen. En dat is zeker begrijpelijk. Maar, als ik uitleg dat de partner met de meeste angst (voor verlies) de minste macht heeft, vinden zij vaak wel de moed om het risico te nemen. Het principe van ‘uit elkaar weer dichter tot elkaar te komen’ is een probaat middel om slepende conflicten op te lossen.

Intieme vreemden

Dan nu weer terug naar het thema seks: natuurlijk zijn er in de omgang tussen de horken en de heksen ook andere thema’s behalve de strijd om het initiatief. Vrouwen klagen dikwijls over het feit dat de man niet gewoon intiem kan zijn (knuffelen) zonder dat het tot de seksuele daad leidt. Ook heeft zij moeite met de momenten waarop hij toenadering zoekt, alsof hij het er om doet om haar te storen als zij in de huishouding bezig is, met iemand aan de telefoon hangt of net op het punt staat om weg te gaan. Sowieso vindt zij dat hij geen oog heeft voor de omstandigheden, bijvoorbeeld als het gaat om de aanwezigheid van de kinderen, haar humeur, fysieke toestand of de drukte van het moment. Veel vrouwen hebben ook moeite met het feit dat de man onverschillig is in zijn presentatie: hij kleedt zich slordig, loopt er bij alsof hij lid is van een club zwervers, zegt het stoer te vinden als hij een beurt overslaat om zich te scheren of zijn tanden te poetsen, eet en drinkt zonder oog te hebben voor zijn gezondheid en zit op de bank voor de televisie als een zak aardappels. Dit alles is van zijn kant wel een manier op haar in staat van opwinding te brengen. Alleen is haar opwinding niet van erotische aard. De man klaagt meestal over het gebrek aan spontaniteit: er is altijd wel een reden voor haar om geen lichamelijke toenadering te zoeken en haar lange lijst van plichtplegingen gaat altijd voor op een tussendoortje van seksueel contact. Ook stoort hij zich aan het feit dat zij zo zelfbewust is als het gaat om de aanwezigheid van andere mensen. Zomaar een kus of omhelzing op straat is er niet bij en ook als er in het eigen huis bezoek is, dan wil zij niet dat hij haar liefdevol vastpakt. In zijn ogen getuigt haar houding van valse schaamte en is het net alsof hij een relatie heeft met een geprogrammeerde robot. Voor hem is het tonen van affectie om daarna, eventueel te komen tot seksuele handelingen daarom een duivels dilemma: doet hij niets, dan krijgt hij het verwijt geen moeite voor haar te doen, doet hij wel wat dan toont hij geen respect voor haar wens om met rust gelaten te worden. Zo bekeken is het haast een wonder dat man en vrouw überhaupt tot de seksuele daad komen, iets wat in de loop der tijd inderdaad als een wonderlijk fenomeen gezien mag worden. Een ander probleem dat zich manifesteert is het ritueel voorafgaand aan het slapen. Hij wil nog even langer blijven zitten, terwijl zij al naar bed wil, of andersom. Eénmaal in de slaapkamer beland, doet zij er veel langer over om zich af te schminken en als zij eindelijk klaar is, dan ligt hij al te snurken. Het mannelijk gesnurk is op termijn sowieso een probleem dat praktisch gezien alleen opgelost kan worden als één van twee op de logeerkamer gaat slapen. Nu is dat voor het snurkprobleem geen slechte zaak, maar de kans op enige bedintimiteit wordt daardoor alleen maar minder. En zo raken horken en heksen langzaam maar zeker fysiek van elkaar verwijderd met als voordeel dat iedere partner verzekerd is van privacy, persoonlijke bewegingsvrijheid en de gelegenheid om over te schakelen op seksuele zelfbevrediging. Sommige stellen maken er geen punt van dat de erotiek op een laag pitje is komen te staan, terwijl andere stellen dit als een fundamentele bedreiging zien voor het voortbestaan van hun relatie. Wat de standpunten ook zijn en hoezeer het gebrek aan seksueel contact als probleem wordt ervaren, is het aan de man om het liefdesvuur weer aan te wakkeren, oftewel: de vrouw heeft gelijk dat de man in gebreke blijft.

Volgorde

Goed beschouwd is deugdelijke seksualiteit, zoals alles is de relatie tussen horken en heksen, een kwestie van volgorde: hij moet haar laten voorgaan in haar behoeftes om pas daarna aan zijn eigen behoeftes toe te kunnen komen. Om dit principe duidelijk te maken, kan simpelweg gekeken worden naar de seksuele daad zelf. Laat ik daarom eerst het verkeerde scenario schetsen: zij zoekt toenadering tot hem, brengt hem in opgewonden staat waarna hij, om tot ontlading te komen, in haar klaarkomt. Dit scenario zou, overigens, alleen fysiek kunnen als zij zo opgewonden is door zijn opwinding dat hij ook daadwerkelijk zonder moeite kan penetreren. In de praktijk is er zelden een vrouw die zich op deze manier seksueel kan geven. Zij kan hooguit het initiatief nemen om hem tot een zaadlozing te brengen, zonder aanspraak te maken op haar eigen orgasme. En sommige vrouwen hebben het er wel voor over om hem aan zijn gerief te helpen, al was het alleen maar om van het mannelijk gezeur af te zijn. Maar echt bevredigend is het niet. Nu het juiste scenario: hij zet zich in voor een lange romantische aanloop dat uiteindelijk voortgezet wordt in het feitelijke seksuele voorspel. Hij brengt haar met hand en mond in opgewonden staat en bevredigt haar net zo lang totdat zij haar eerste clitorale orgasme beleeft. Fysiek is zij dan in staat om hem te laten penetreren, waardoor hij vervolgens in zijn eigen tempo tot ontlading kan komen. Desgevraagd zeggen alle mannen dat zij de opwinding en ontlading van de vrouw zelf als meest opwindend ervaren. In dat gegeven zit de sleutel tot seksueel geluk. Immers, als de man het als meest opwindend ervaart wanneer zij in extase verkeert, dan is zijn initiatief essentieel voor het komen tot seksuele bevrediging van beide partijen. Anders gezegd: hij kan alleen maar geluk ervaren wanneer hij, liefst door zijn toedoen, merkt dat zij zich gelukkig voelt. En elke man die dit principe goed tot zijn botte hersens laat doordringen, zal automatisch tot maar één conclusie kunnen komen, namelijk dat hij moet afstappen van zijn verwachting dat zij seksueel het initiatief moet nemen. Voor de volledigheid en ook enigszins ter verdediging van het mannelijke geslacht, moet wel worden aangemerkt dat enige vrouwelijke aanmoediging het seksuele leven behoorlijk kan opkrikken. Wat ik bedoel is dit: zij kan met de geringste moeite hem met kleine signalen tot inspanning aansporen. De meeste mannen hebben aan een knipoog, een aai over de knie of een toegewoven handkus genoeg om in een stemming te geraken van seksuele lust. De vrouw kan, met dit besef, weer gaan zitten klagen dat hij zo gemakkelijk te paaien is, en niet een beetje zelfbeheersing kan tonen om het bij een gewone uitwisseling van affectie te laten. Maar dit soort geklaag is, op zijn minst, flauw van smaak, om de doodgewone reden dat een man altijd bereid is tot alleen knuffelen als zij daar op een liefdevolle manier om vraagt.
En dan nog dit: een goed seksleven wordt meestal geassocieerd met romantische liefde, de ideale vorm van verbondenheid tussen twee mensen, die met elkaar het leven delen. Hoewel niemand weet wat het romantisch ideaal precies inhoudt, heeft iedereen wel de overtuiging dat het bestaat. Ergens op de wereld is er die ene persoon waarmee het volmaakte geluk zich als een wonder openbaart. Nu is het idee van romantische liefde natuurlijk aansprekend, en als verlangen een sterkte drijfveer om verbondenheid te zoeken. Maar tegelijkertijd is het nu juist dit verlangen naar ‘de ware’, wat relationele roet in het eten gooit, oftewel: romantiek verpest de liefde. Feit is namelijk dat de romantische ideeën die mensen er op na houden in werkelijkheid niet bestaan. Na verloop van tijd wordt daarom iedere relatie als teleurstellend ervaren en de overtuiging gevoed de liefdesboot te hebben gemist. Het is daarom verstandig om de vier belangrijkste romantische ideeën onder de loep te nemen.
1) onvoorwaardelijkheid: het idee dat partners elkaar accepteren en waarderen zoals zij zijn, een vorm van bewondering die onaantastbaar is; in werkelijkheid is het nu juist de voorwaardelijkheid, die de relatie levendig houdt; als partners geen eisen stellen, dan is er geen reden om moeite voor elkaar te doen (als jij je tanden niet poetst, dan heb ik geen zin in seks).
2) intimiteit: het idee dat partners de onverzadigbare behoefte hebben fysiek, emotioneel en geestelijk alles met elkaar te willen delen; in de praktijk zou dit idee verstikkend werken; mensen streven eerder naar ‘autonomie’, een geestestoestand van eigenheid die juist afstand(elijkheid) creëert; en dat is mooi, want alleen door afstand is er telkens weer reden om elkaar te ontmoeten.
3) gelijkgestemdheid: het idee dat partners in alles hetzelfde vinden, voelen en willen; in werkelijkheid wil alleen de narcistisch gestoorde mens met een kopie van zichzelf leven; normaal gesproken zijn gelijkgestemde partners, met uitzondering van de verliefdheidsfase, heel snel op elkaar uitgekeken; logisch, want alleen door het anders-zijn kunnen twee mensen iets toevoegen aan elkaars leven; de spanning van elkaars verschillen, geven partners iets om voor te vechten.
4) rozengeur en maneschijn: het idee dat partners alleen al in vervoering raken door elkaars aanwezigheid; als dit waar was, dan had elke nietsnut ook kans op het ultieme geluk; het dagelijks bestaan vereist hard werken om de rekeningen te kunnen betalen; wie zijn plichten verzaakt, verliest zijn aantrekkelijkheid; liefde is economie, alleen door in elkaar te investeren, heeft blijvende wederkerigheid een reële kans. Natuurlijk is er niets op tegen om uw geliefde te trakteren op een romantisch etentje of te verrassen met een reisje naar Parijs. Maar wie zich vastbijt in de overtuiging dat de ander zich moet manifesteren in hartstochtelijke liefdesverklaringen, zet zichzelf juist in de kou.

Geen zin

Voor sommigen onvoorstelbaar, voor anderen de dagelijkse realiteit: geen zin in seks. Mannen zijn in de meerderheid als het gaat om een zwakke libido, dat in belangrijke mate wordt veroorzaakt door een lager niveau van het hormoon testosteron in het lichaam. Sommige psychologen beweren dat vooral dwangneuroten weinig seksuele lust ervaren, omdat zij bang zouden zijn voor emotionele overgave. Maar mijn praktijkervaring spreekt dit tegen. En bedenk: ook het omgekeerde komt voor. Ik bedoel, zelfs mensen met een zeer gepassioneerde levenshouding kunnen toch weinig aandrang tot seksuele activiteit ervaren. Nee, het grootste probleem is niet dat mensen een laag libido hebben, maar veeleer dat hen wordt aangepraat dat zij een probleem hebben. Feit is namelijk dat seks in onze maatschappij wordt gezien als iets heiligs, waardoor het afzien van seks wordt bestempeld als heiligschennis. Het is zelfs zo erg, dat seks inmiddels dezelfde status verworven heeft als alcohol. Wie geen zin heeft, wordt algauw getypeerd als een principiële geheelonthouder, een moraalridder, een partypooper (feestbederver), of als iemand die behept is met belemmerende overtuigingen (ik ben het goede des levens niet waard). Maar dat is onzin. Dat sommige mensen geen zin hebben in ochtendgymnastiek, in slagroomtaart of in parachutespringen, daar doet niemand moeilijk over. Maar laat een enkeling geen zin in seks hebben, dan wordt hij beschouwd als een zenuwpatiënt die door psychiatrische behandeling weer op het rechte pad gebracht moet worden. De partner van iemand met weinig seksuele lust heeft wel een probleem: hij komt niet aan zijn trekken en lijdt er ook onder niet begeerd te worden. In dat geval is zijn probleem ook een gezamenlijk probleem. Desondanks is dat probleem betrekkelijk. De partner die ‘droog’ staat zal zijn toevlucht moet zoeken tot veelvuldige zelfbevrediging – iets wat hij met een eventuele hitsige partner ook zou doen. En zelfs mensen met een hoog libido zullen door hun partner met de nodige moeite, uitgebreid voorspel en goed gedrag over de streep getrokken moeten worden. Ik bedoel, zo gaat dat in een relatie nu éénmaal: hoe sterk het seksueel verlangen ook is, de ander zal altijd eerst zijn best moeten doen om te kunnen scoren. Zelftwijfel blijft bij laag-libido-mensen soms knagen, omdat zij in de verliefdheidsfase van hun relatie wel meer zin in seks hebben. Maar ook die twijfel is onterecht, omdat moeder natuur daar verantwoordelijk voor is: om een partner te binden gaat vanzelf de testosteronproductie omhoog. Met een laag libido hoeft u zich dus nergens voor te schamen. Heeft u een liefhebbende partner die staat te springen om seks, kom hem dan tegemoet. Want, net als met alle andere gezamenlijke activiteiten geldt: je hoeft geen zin te hebben om het de ander toch naar de zin te maken.

Jeffrey Wijnberg
www.wijnbergenwijnberg.nl

About the Author Librarian

Librarian is geen auteur. Het is een adminstratieve dienst die artikelen uit de oude IEP bibliotheek als posts op deze site heeft geplaatst. De datum van het artikel is ongeveer geschat (per jaar).

Leave a Comment: