Casus Janneke Swank: Ik denk liever aan een tovervoetbal…

Elementen: werken met jongens van 9 en 11, uitleg gedachten “weet jij wat dat zijn?”, auditieve en visuele swish oefeningen, nare gedachten en beelden veranderen.


Tante Dora had gebeld. Of ik plaats had voor haar neefjes, twee broertjes, die moeite hadden met slapen, omdat ze bang waren. Ja, ze hadden nogal wat meegemaakt en bij haar konden ze altijd terecht, maar nu was haar hulp niet toereikend meer. Vandaar.
Eerst kwam de jongste van negen jaar, Erik. Hij vertelde dat hij van voetballen hield en dat hij al in groep vijf zat en dat hij veel vriendjes had en dat hij het liefst bij zijn moeder woonde, al vond hij zijn vader ook lief. Zijn woorden werden vergezeld door levendige gebaren met hoofd en armen en hij keek afwisselend naar mij, naar tante Dora en vooral om zich heen. Hij vond het wel leuk hier, zei hij, vooral Poeh en zijn vriendjes, die bij mij aan de boekenplank hangen. Tante Dora zat op een afstandje toe te kijken met een glimlach om haar mond en zei niets. Erik kon het zelf wel vertellen.
Ja, zijn ouders hadden ruzie gehad en Jan Kees had het allemaal gezien, want hij (Erik) lag al op bed en Jan Kees, zijn broer van elf, was hard huilend naar hem toe gekomen, want pappa was bloedend weggelopen, omdat mama hem had gestoken. Met een mes ja. Heel veel bloed.
Het hoofd van Erik zakte op zijn borst en hij zat ineens heel stil. Ik kon zijn ogen niet meer zien. Met één hand wreef hij over zijn gezicht. Hij haalde zijn neus op en keek me toen weer aan. ‘Erg hè’, zei hij. ‘Ik hoorde het allemaal en Jan Kees was heel erg geschrokken. Mama huilde ook toen ze later naar boven kwam. We moesten gaan slapen, maar we konden niet slapen. Papa is nu weer bijna beter. Het verband mag er al af’.
Dat was twee weken geleden gebeurd. De dag daarop waren de broertjes naar tante Dora gegaan en hadden het verhaal verteld. Ze kregen de troost en aandacht die ze nodig hadden, maar het slapen bleef een probleem.
Ik vroeg aan Erik: ‘Je wilt graag slapen, maar je wilt ook wel graag wakker blijven, allebei een beetje, klopt dat?’ Zijn hoofd ging met een ruk omhoog en hij zei meteen dat dat waar was. ‘Anders hoor ik ze niet’, zei hij, ‘en dan gebeurt er misschien wel wat ergs’. Hierbij werd zijn stem steeds zachter. De positieve intentie was duidelijk.
‘En dan?’ vroeg ik. ‘Dan wil mijn vader nooit meer komen en mag ik niet meer naar hem toe’.
Ik vroeg hem wat er gebeurde als hij ging slapen, waar hij aan moest denken. ‘Ik luister goed of alles stil blijft’. ‘Ook als je vader er niet is?’  ‘Ja, ja’. Hij was even stil. ‘Ik hoor ze dan toch’, zei hij, ‘ik hoor ze weer ruzie maken’.
‘Je hoort ze niet echt, maar toch kun je ze weer horen?’ ‘Ja’.
‘Je kunt alles horen wat je wilt, bijvoorbeeld een loeiende koe, een blaffende hond. Een kleine hond blaft anders dan een grote hond. Toch?’ Hij deed het na en schaterde het uit.
‘Wat als je die ruzie niet meer hoort?’ ‘Dan zou ik weer kunnen slapen’, zei hij.
‘En er kan dan niks mis gaan?’ ‘ Niet als mijn vader er niet is en die komt haast nooit’.
‘En als je weer goed kan slapen?’ ‘Dan blijven mijn ogen weer open op school’.
‘Mag ik de geluiden van de ruzie weghalen bij je?’
Hij knikte.

Op het congres van het IEP in april 2005 ging Jaap Hollander uit van een stelling: begin simpel en doe zo weinig mogelijk, kijk dan wat het resultaat is en ga eventueel verder……
En Albert Einstein zei ook al: ‘maak alle dingen zo simpel mogelijk, maar niet simpeler’.
Daarom besloot ik tot de auditieve swish en meteen vroeg ik me af of een achtjarige nog wel wist wat een grammofoonplaat was. De ogen van Erik gingen wijd open toen ik het vroeg en uit zijn mond kwam een geluid dat nog het meest leek op ‘wa?’ Maar na enige toelichting wist hij het weer: Opa had van die dingen en ja, daar kwam muziek uit.
We konden beginnen. Ik vroeg hem nog eens te denken aan de geluiden van de ruzie om goed te kalibreren. Tijdens het proces ging hij meer en meer glimlachen, zijn ogen dicht en er kwam een blos op zijn wangen.
De vraag tot slot: ‘wat gebeurt er als je probeert te denken aan de geluiden van de ruzie’ kreeg als antwoord: ‘die gaan dan meteen mijn hoofd uit, want ik kan ook zelf de stekker er uit trekken’.
Het gebruik van het werkwoord ‘proberen’ is hier opzettelijk gebruikt, juist om te suggereren dat het kan mislukken.
Al die tijd zat tante Dora stil toe te kijken. Toen Erik haar aan keek, lachte ze en vroeg hoe hij het vond. ‘Leuk’ zei hij.
We spraken af, dat tante Dora me na een paar weken zou bellen. Ze belde al twee dagen later om te vragen of ik ook iets kon doen voor Peter, het drie jaar oudere broertje van Erik. Peter had er niet zo’n zin in, zei ze, maar of ze toch een afspraak kon maken.

Peter zat onderuit gezakt in de stoel en keek me niet aan. Ik begon wat te kletsen met tante Dora over ruzies, over geweld en agressie en dat mensen dat eigenlijk niet echt wilden en toch niet anders konden en daar spijt van konden hebben. En dat er op school ook wel eens gepest of gevochten werd.
‘Nee, op school niet’, zei hij en hij keek me van onder zijn wenkbrauwen aan en zakte nog wat verder onderuit.
Tante Dora nam het initiatief en begon gewoon te vertellen waarom Peter hier was en dat het nu op school niet goed ging en dat Peter verteld had, dat hij het moeilijk vond om naar zijn moeder te gaan. De ene week waren de jongens bij vader en de andere week bij moeder.
‘Het zit allemaal nog in je gedachten, je ziet het nog steeds gebeuren, klopt dat Peter?’ vroeg ik. ‘Hij bloedde erg’, zei Peter, ‘en met dat bloedbeen is hij gewoon in de auto gestapt en naar de dokter gereden. Helemaal alleen’.
‘Dat is wel flink van je vader’, zei ik. Peter kreeg een zuinig lachje om zijn mond.
Ik vroeg hem naar zijn hobby’s. ‘Computeren natuurlijk’, zei hij, ‘en voetballen, net als mijn vader’ en na nog meer koetjes en kalfjes vroeg ik naar zijn vader en moeder, wat ze voor werk hadden en wat ze leuk vonden om te doen met de kinderen.
‘Eerst was ik liever bij mijn moeder’, zei Peter, ‘maar nu wil ik geloof ik, liever bij mijn vader zijn, ik weet het niet’.
‘Hoe vind je het om steeds weer in gedachten dat bloedbeen te zien?’ vroeg ik. ‘Erg’, zei hij, ‘en dat mes is nog erger’. Ik vroeg hem of hij wist wat ‘gedachten’ eigenlijk waren. ‘Die zitten in je hoofd’, kreeg ik als antwoord.
‘Denk eens aan een hond?, wat zie je dan in gedachten voor een hond?’ ‘Een zwarte bouvier’. ‘Waar zie je die?’ ‘Daar bij de deur’, en zo vroeg ik nog meer submodaliteiten. En ik ging na of hij besefte dat dit een gedachte was. Dat dit niet echt was. Hij knikte.
‘Zou je gedachten kunnen veranderen?’ vroeg ik, maar dat wist hij niet.
‘Is die zwarte bouvier een gedachte?’ ‘Ja’. ‘En kun je die zwarte bouvier nu veranderen in een kleine puppy?’ Weer knikken. ‘En in een labrador?’ Hij bleef naar de deur kijken en knikte en begon te lachen.
‘Welke gedachte vind je het leukst?’ Dat was de kleine puppy, waar hij een kleine labrador van wilde maken.
‘Zou je willen dat je de gedachte aan het mes en aan het bloedbeen ook kon veranderen?’ ‘Ja’, zei hij en hij knikte een paar keer met zijn ogen dicht. ‘Wil je daarvoor bij me terugkomen?’ Weer knikken. Hij gaf me spontaan een hand toen hij wegging.
Weer simpel beginnen? Een ‘eenvoudige’ visuele swish?
Hij zat voor de tweede keer bij me, rechtop in de stoel, een beetje te friemelen met het koordje van zijn trui. Ik vertelde hem dat ik les had gehad van professor Perkamentus, die me geleerd had om ‘een Peter van de toekomst’ te toveren en die te veranderen in een mooie nieuwe voetbal met magische krachten.
Hij ging nog rechter zitten en ik kon zien hoe zijn ogen mijn handen volgden, hoe zijn pupillen groter en kleiner werden tijdens het proces en toen ik na afloop vroeg wat er gebeurde als hij probeerde aan het mes en aan het bloedbeen te denken was hij even stil en fronste zijn wenkbrauwen. ‘Ik denk liever aan die tovervoetbal’, zei hij, ‘mag dat ook?’ Van mij mocht hij dat.

Hoe simpel is een swish? Wat gebeurt er en waarom werkt het? Omdat mensen liever voor geluk dan voor pijn kiezen? En als het niet werkt wat is dan de positieve intentie? Bescherming?

Ik ben benieuwd hoe…………

Na een paar weken kreeg ik een kaart van de broertjes. Ze bedankten me. Het ging allemaal goed. Op de kaart stond een kleine puppy, waarschijnlijk een labrador, ik heb daar niet zo’n verstand van.

Er zijn vele manieren om de visuele of auditieve swish uit te voeren.
Robert Mc. Donald heeft me een duidelijk proces geleerd, met daarbij de vragen die men letterlijk aan de patiënt of cliënt kan stellen.

HET PROCES VAN DE VISUAL SWISH

Doel: het veranderen van angstgedachten en/of angstgevoelens)

(Cl = Cliënt, schuin gedrukt zijn de vragen, die je, zoveel mogelijk, letterlijk stelt)

1. Ga na wat het ‘startbeeld’ is door te vragen:
a. van welk herinneringsbeeld uit je verleden heb je nog last?
b. van welk gedachte aan de toekomst heb je last en wat zie je dan voor je?
c. concentreer je op het angstgevoel en laat het sterker worden en als dit gevoel een beeld kon worden, wat zie je dan?

2. Als het beeld duidelijk is, ga dan na of Cl het geassocieerd ziet. Als Cl zichzelf ziet, dan eerst laten associëren.
– kijk er naar alsof je er bent, zie alles door je eigen ogen. 

3. Breng Cl nu in een andere toestand door te vragen:
– wat is je telefoonnummer achterste voren?   

4. Zeg nu tegen Cl:
– maak in gedachten een groot helder beeld van jezelf, die anders is, een prachtige (naam Cl). Dit is (naam Cl) die de zaken, die vervat zijn in het angstbeeld al heeft opgelost en die daarom niet langer de ongewenste ervaring heeft. Deze prachtige (naam Cl) is je net een stapje voor in de tijd, draagt dezelfde kleren als jij en is geen perfecte jij, maar is vindingrijk, vertrouwd en heeft gevoel voor humor.

5.  Vertel dan Cl:
– laat het beeld van de prachtige (naam Cl) krimpen tot de omvang van een balletje, een sprankelend balletje. Laat het balletje zich ontpoppen, waardoor de prachtige (naam Cl) wordt onthuld, die groter en helderder wordt tot het beeld levensgroot is.
      Dit nog twee keer doen (vooral ook met je handen laten zien wat je bedoelt)

6. Breng Cl weer in een andere toestand door te vragen:
– wat is je telefoonnummer achterstevoren?

7. Zeg tegen Cl:
– Plaats nu dit sprankelende balletje (dat de prachtige -naam Cl- bevat) in de roos van het angstbeeld en kijk hoe het angstbeeld kleiner en donkerder wordt, terwijl tegelijkertijd het beeld van het sprankelende balletje begint groter en helderder te worden net zolang tot dit grote en heldere beeld van jezelf het angstbeeld helemaal overheerst. 

8. Zeg nu tegen Cl:
– zie nu een leeg scherm, zoals je in de bioscoop kunt zien
      maak hierbij een handbeweging

9. Punt 7 en 8 ongeveer drie keer langzaam herhalen, dan drie keer heel snel.

10. Zeg tegen Cl:
– wat zou er gebeuren als je dit proces nu al duizend keer had gezien?
     Pauzeer even en ga dan door met punt 11

11. (Test) Zeg tegen Cl:
– wat gebeurt er nu wanneer je probeert deze nare gevoelens op te roepen?

Als Cl moeite heeft om het angstbeeld te zien, en/of geen angstgevoelens meer krijgt dan is het proces voltooid. Wanneer Cl de angst nog steeds kan oproepen, laat hem of haar dan aan het deel dat deze gevoelens creëert vragen naar de positieve intentie en herhaal daarna nog eens het hele proces van de visual swish.

12. Stabilisering.

Wanneer het proces is voltooid zeg je:
– en wanneer het beeld van de prachtige (naam Cl) duizend keer zou worden vermenigvuldigd en rondom je heen zou worden verspreid in concentrische cirkels, in je verleden, je heden en je toekomst, hoe zou dat dan nu aanvoelen? En bedenk nu hoe je zult doorgaan deze gevoelens te ervaren, vanavond, morgen, alle dagen en nachten, weken en maanden en jaren die nog komen.

8 2001 Copyright Robert Mc. Donald

 

HET PROCES VAN DE AUDITIEVE SWISH

Doel:
het helen van depressieve gevoelens of het veranderen van depressieve gedachten.

Middel:
het veranderen van de startzin waar Cl last van heeft of depressief van wordt.

Procedure:

1. Het vinden van de startzin:
* Denk aan de zin waar je last van hebt of depressief van wordt
* Roep het hinderlijke gevoel op en laat het zo sterk worden dat het een zin wordt die je kunt horen

2. Het veranderen van de toestand:
* Wat is je telefoonnummer achterstevoren?

3. Het creëren van een goed zelfbeeld:
* Stel je voor dat er voor je een prachtige Cl (naam patiënt) komt te staan die je oprecht vertelt: ‘ik voel me goed over mezelf’ of ‘ik voel me veilig’
Deze prachtige Cl (naam Cl) is niet perfect, maar klinkt zoals jij zou klinken wanneer je anders zou zijn en de problemen die vervat zijn in de nare zin al had opgelost.
Deze prachtige jij is vertrouwd, vindingrijk, heeft gevoel voor humor en op die manier klinkt haar /zijn stem.

4. Het veranderen van de toestand:
* Wat is je telefoonnummer achterstevoren?

5. Het veranderen van de depressieve gedachten

5.1  *Als je begint om het eerste woord van de nare zin te horen, trek je de stekker uit een denkbeeldige platenspeler en hoor je alleen hoe het begin van de zin steeds langzamer gaat draaien en langzaam verdwijnt

5.2  *Op hetzelfde moment hoor je de stem van de prachtige Cl (naam) steeds sneller draaien en sterker worden. De stem komt van voren en zegt oprecht: ‘ik voel me goed over mezelf’ of ‘ik voel me veilig’.
Hoor deze prachtige woorden op je af komen en je hoofd omringen en hoor hoe ze weerklinken alsof je hoofd zich in een grote klok bevindt.

5.3  *Hoor nu het geluid van een golf in de oceaan die deze prachtige woorden volledig overstemt

6. Herhaal punt 5 eerst drie keer langzaam en daarna drie keer snel. Maak er gebaren bij.

7. Onbewuste herhaling
* Wanneer je dit alles al duizend keer gehoord had, hoe zou het dan nu klinken?
* Hoe vaak heb je het nu al gehoord?

8. Testen:
* Wat gebeurt er nu wanneer je probeert de zin te horen waar je last van had?

Als de reactie goed is, is het proces voltooid.
Als er nog steeds een ‘oude’ reactie is, dan vragen naar de positieve intentie en het hele proces herhalen.

9. Stabiliseren:
*Als deze woorden duizend keer zouden worden vermenigvuldigd en in concentrische cirkels om je heen zouden worden verspreid, in je verleden, je heden en je toekomst, op je afkomend als een  koor van stemmen, hoe zou dat allemaal aanvoelen?

10. Onbewust stabiliseren:
* En je kunt bedenken hoe je zult doorgaan deze veranderingen te ervaren, vanavond, morgen, alle dagen en nachten, weken en maanden en jaren die nog komen.

Copyright 2001 van Robert Mc. Donald

About the Author Janneke Swank

Janneke overleed op 7 november 2017. --- Met haar verloren wij een bevlogen NLP-collega en vriendin. --- Zij paste NLP toe in haar coachingspraktijk, op een zuivere, betrokken wijze. Ze was tot 1984 werkzaam als fysiotherapeut. Haar interesse ging toen al meer en meer uit naar de ‘mens achter de klacht’. --- Opleidingen: psychosomatsische fysiotherapie, NLP-practitioner en -master bij het IEP, certificaat NLP-trainer, certificaat Health Practitioner NLP en Destination therapist. ---Voerde jarenlang praktijk onder de naam ‘Mind the Body’ waar patiënten met psychosomatische klachten dankbaar gebruik van maakten. --- Gaf trainingen NLP bij het IEP en aan collega-therapeuten en bij de SETH.

Leave a Comment: